ArticlePDF Available

De Pauw, E., Laurent, V., Dumont, V., Lobet-Maris, C., Ponsaers, P. (2006). “Een ‘virtuele bibliotheek’ voor de federale politie. Een tool van kennisbeheer ter ondersteuning van Intelligence Led Policing”, Handboek Politiediensten- Veiligheidsbeleid - Oplossingen, Afl 79, 177, 1-26.

Authors:
15-8-2022
1
Titel
Een ‘Virtuele Bibliotheek’ voor de federale politie; een tool van kennisbeheer ter
ondersteuning van Intelligence Led Policing.
Auteurs
Evelien De Pauw
Maatschappelijk assistente en licentiaat in de criminologie
Wetenschappelijk Medewerker Universiteit Gent, onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse
Véronique Laurent
Licentiaat in de sociologie
Wetenschappelijk medewerker FUNDP Namur, CITA
Paul Ponsaers
Hoogleraar, licentiaat in de sociologie en Dr. in de criminologie, Universiteit Gent, onderzoeksgroep Sociale
Veiligheidsanalyse
Claire Lobet-Maris
Hoogleraar, Dr. in de sociologie, FUNDP Namur, CITA
Véronique Dumont
Licentiaat in de sociologie
Wetenschappelijk medewerker FUNDP Namur, CITA
Inhoudsoverzicht
1. Inleiding
2. Contextueel Kader
2.1. Intelligence Led Policing
2.2. Kritische succesfactoren
3. Methodologie
4. Algemene behoeften
4.1. Filterfunctie
4.2. Goede referentielijst
4.3. Centraal samengebracht
4.4. Uitwisseling van informatie
4.5. Opnemen van noodzakelijke bronnen
5. De beperkingen
5.1. Technische beperkingen
5.2. Organisatorische beperkingen
5.3. Juridische en financiële beperkingen
6. De applicatie
6.1. Verschillende technische applicatiemogelijkheden
6.2. De referotheek
6.3. Doel van de applicatie
6.4. Inhoud van de applicatie
6.5. De gebruikers
6.6. Beheer van het systeem
7. Besluit
15-8-2022
2
1. Inleiding
Binnen de politie uitte men half 2004 de behoefte om een “Virtuele Bbiliotheek” te
ontwikkelen op een uniek WEB-platform. In deze bibliotheek zouden de politiediensten
informatie, die gewoonlijk uit open bronnen komt, kunnen opzoeken en contextualiseren,
enerzijds met het oog op de bevordering van de interpretatie van gerechtelijke gegevens en de
analyse van criminele fenomenen, en anderzijds ter ondersteuning van het beheren van andere
fenomenen verbonden aan politionele activiteiten. Deze bibliotheek zal informatie
beschikbaar stellen aan de eigen federale en lokale componenten en later zal men het gebruik
uitbreiden naar de gerechtelijke overheden en de wetenschapswereld toe.
Om dit te realiseren deed de federale politie beroep op het Agora-programma van de Federale
Overheidsdienst Wetenschapsbeleid. Het Agora-programma wil verschillende federale
instituten ondersteunen in hun onderzoek naar het samenstellen, het verbeteren en
gebruiksklaar maken van hun informatie (in het bijzonder van hun gegevensbanken)
1
.
Twee universitaire equipes, namelijk SVA, Ondezoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse, van
de Universiteit Gent en CITA, Cellule Interfacultaire de Technology Assessment van FUNDP
Namen, hebben in opdracht van FOD Wetenschapsbeleid een onderzoek gevoerd naar de
mogelijkheden van de “Virtuele Bibliotheek”
2
. Het project werd opgestart per 1 december
2004 en werd beëindigd op 30 november 2005. Het eindrapport bestaat uit twee grote delen,
enerzijds, een haalbaarheidsstudie op basis van een behoefteonderzoek gevoerd bij
verschillende diensten van de federale politie en anderzijds, een lastenboek die een papieren
prototype van de applicatie bevat op basis van de technische, organisatorische en juridische
mogelijkheden.
2. Contextueel kader
Het project “Virtuele Bibliotheek” kunnen we kaderen binnen een ruimer theoretisch of
contextueel kader. In het Nationale Veiligheidsplan is opgenomen dat de werking van de
politie is gebaseerd is op een aantal concepten, onder andere het ILP-principe (Intelligence
Led Policing of informatiegestuurde politiezorg). Het project draagt bij tot het welslagen van
dit concept. Eerst zullen we kort stilstaan bij de definitie van ILP om vervolgens het project te
situeren binnen dit theoretisch kader.
2.1. Intelligence Led Policing
Een werkbare definitie van Intelligence Led Policing vinden we terug bij J Ratcliffe:
Intelligence-Led Policing is the application of criminal intelligence analysis as an objective
decision-making tool in order to facilitate crime reduction an prevention through effective
policing strategies en external partnership projects drawn from an evidential base”
3
1
Meer info over Agora op de website van Federaal Wetenschapsbeleid: www.belspo.be/belspo/agora/index-
nl.htm.
2
Dumont, V., Laurent, V., De Pauw, E., Lobet-Maris, C., (Prom.) en Ponsaers, P., (Prom.). Onderzoek
“Agora :Virtuele Bibliotheek”, Eindrapport, Analyse van de haalbaarheid van het project en een methodologisch
lastenboek van de toepassing, 30 november 2005, Onderzoek voor de federale politie in opdracht van FOD
Wetenschapsbeleid, december 2004 - november 2005, FUNDP Namur, Universiteit Gent.
3
Ratcliffe, J., Intelligence Led Policing, Trends & Issues in Crime and Criminal Justice, Camberra, Australian
Institute of Criminology, 2003, No. 248, p.6.
15-8-2022
3
Dit principe dook voor het eerst op in het Nationale Veiligheidsplan van 2003-2004
4
, waarbij
verschillende projecten werden opgestart. Het concept houdt in dat de informatie de operaties
aanstuurt, en dit op twee niveaus: strategisch (via een gedegen beeldvorming de juiste
beleidskeuzes maken) en operationeel (het in kaart brengen van criminele groeperingen en ze
(meer) pro-actief aanpakken). In de praktijk worden beide componenten specifiek
ondersteund door middel van analyses van de beschikbare informatie. Deze analyses worden
onder andere gemaakt door strategisch en operationele analisten. Een gedegen inwinning van
informatie is hierbij noodzakelijk, vandaar dat er verschillende doelstellingen naar voor
werden gebracht.
5
Eén van de belangrijkste doestellingen van de politiehervorming was de zorg voor een betere
uitwisseling van de operationele informatie tussen de verschillende politiediensten. Daartoe
heeft de wetgever in de wet een hoofdstuk over informatiebeheer ingelast en voorzien in de
oprichting van een algemene nationale gegevensbank (ANG) (art 4,1 Wet op het
politieambt).
6
Eveneens werden de AIK’s opgericht (Arrondissementele Informatie
Kruispunten) en werden projecten gestart zoals Datawarehouse: “een instrument waarbij men
streeft naar inzameling en verwerving van politiële informatie en niet-politiële informatie
voor operationele doeleinden”.
7
2.2. Kritische succesfactoren
Op korte tijd beschikte de politie over heel wat projecten om te komen tot een beter
informatiebeheer van de operationele informatie. Op vlak van non-operationele informatie
had de politie eveneens een aantal zaken op het oog. Het voornemen tot de creatie van de
Virtuele Bibliotheek kaderde namelijk binnen de kritische succesfactoren zoals deze zijn
opgenomen binnen het Nationaal Veiligheidsplan 2003-3004 tot slagen van het ILP-principe:
- “Ten eerste is een goed beheer van de politiële informatie en structurele uitwisseling
van informatie tussen de verschillende onderdelen van de geïntegreerde politie
noodzakelijk.
- Ten tweede moeten de betrokken partijen hun eigen kerncompetenties goed managen
en op structurele basis hun informatie en kennis uitwisselen.”
8
Om beide succesfactoren te doen slagen is een goede uitwisseling van gegevens, informatie
en kennis noodzakelijk. Zoals we lezen in de bijdrage van Corion en ook al in dit artikel
aanhaalden, heeft de politie op dit vlak reeds enkele initiatieven genomen: MFO3 voorziet de
oprichting van het ANG (Algemene Nationale Gegevensbank), AIK, maar wat belangrijker is,
ook met externe partners worden bijzondere uitwisselingsprogramma’s opgezet.
9
Het webplatform ‘Virtuele Bibliotheek’ zal bijdragen tot een vlottere uitwisseling van
informatie met externe partners en eveneens tot de vlottere bereikbaarheid en ingebruikname
4
Corion, S., De Belgische Informatiegestuurde politiezorg, Oorsprong en beginselen. In: Vandenbroeck, T.,
Enhus, E., ea., Intelligence Led Policing, Brussel, Politeia, 2005, p 27.
5
Corion, S., Informatiegestuurde politiezorg. In: Handboek politiediensten, Kluwer, alf 67, 2003, p.7.
6
Activiteitenverslag Federale politie 2003, Federale politie, Brussel, 2003, p. 94.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/rapport%20pol%20fed/Activiteitenverslag.pdf (04/01/2006)
7
Activiteitenverslag Federale politie 2003, Federale politie, Brussel, 2003 p.107.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/rapport%20pol%20fed/Activiteitenverslag.pdf (04/01/2006)
8
Nationaal Veiligheidsplan van de federale politie 2003-2004, deel 1, Federale politie, Brussel , 2003, p. 9.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/pns03-04/deel1n.pdf (04/01/2006)
9
Corion, S.,o.c. p. 17.
15-8-2022
4
van bepaalde informatie, namelijk contextuele informatie om geobserveerde zaken beter in
hun context te plaatsen en technische gespecialiseerde informatie om beter zicht te krijgen op
nieuwe technieken. Dus ook intern komt men op deze manier tot een betere uitwisseling van
informatie.
In het algemeen, zal de virtuele bibliotheek het kennisbeheer binnen de politie bevorderen.
Wat er onder kennisbeheer wordt verstaan, vinden we terug bij Jacob :“On peut dégager un
certain nombre de dimensions importantes relatives à l’idée de la gestion des connaissances.
Il s’agit d’une stratégie visant à structurer formellement le capital connaissances explicites et
tacites d’une organisation”, en lien avec les orientations stratégiques d’une organisation et
ses besoins d’innovation et d’amélioration de compétitivité, soutenue par une infrastructure
technologique et organisationnelle, organisée autour de processus de gestion des
connaissances (identifier, codifier, diffuser, partager, créer, etc.)”, et l’humain est le
premier lieu d’interaction et de création de connaissances.”
10
3. Methodologie
Het project bestond uit 4 grote fases:
Fase 1: Haalbaarheidsstudie en het opmaken van een inventaris van de nuttige
informatiebronnen die in de applicatie opgenomen zullen worden.
Fase 2: Studie van de voorwaarden van het ter beschikking stellen van de bronnen (juridische,
technische en operationele voorwaarden).
Fase 3: Structurering van het portaal: de gebruikersinterface en de definiëring van de
beheersfuncties.
Fase 4: Definitie van de inhoud van het portaal (voorbeelden van resultaatsfiches) en van het
zoeksysteem.
4. Algemene behoeften
In een eerste fase van het onderzoek vond een behoefteonderzoek plaats bij verschillende
diensten van de federale politie. We hebben getracht onze steekproef zo representatief
mogelijk te maken zodat de mening van de leden federale politie goed vertegenwoordigd was.
Dit onderzoek gebeurde aan de hand van exploratieve interviews waarbij gepeild werd naar de
algemene verwachtingen ten opzichte van het project en de visie betreffende het type
platform, de beheersfuncties, de toegangsmodaliteiten en de structurering van de informatie.
Eveneens was er aandacht voor de huidige manier van verwerken van informatie en de
grootste behoeften op het gebied van informatiebeheer. Tevens werden in ene latere fase
focusgroepen
11
georganiseerd, ten eerste om een beter zicht te krijgen op welke bronnen er
zouden moeten opgenomen worden in de database en ten tweede om de verwachtingen over
de applicatie na te gaan.
10
Jacob, R., "Gérer les connaissances et la fonction ressources humaines : Un défi de la nouvelle compétitivité
du 21ème siècle", in Rapport du CEFRIO, 2000.
11
Volgende focusgroepen vonden plaats: leden van de Bestuurlijke Politie/Directie van het beleid, het beheer en
de ontwikkeling (DGA/DAG), leden van de Gerechtelijke Politie/Directie van technische en wetenschappelijke
politie, zowel van het centrale als laboratorium niveau (DGJ/DJT) en strategisch analisten van centrale en
arrondisementele niveau.
15-8-2022
5
4.1. Filterfunctie
De meeste respondenten merken op dat er een massa aan informatie is. Wanneer men een
zoekactie onderneemt, krijgt men meestal een groot aantal hits. Het is niet altijd evident om te
beslissen wat de juiste en meest precieze informatie is. Vandaar dat men in de toepassing
“Virtuele Bibliotheek” een filterfunctie ziet. Het systeem moet de gebruikers helpen om hun
informatie in de grote massa te vinden; het helpt hen bij het zoeken en het selecteren van de
nodige informatie.
4.2. Goede referentielijst
De respondenten merken op dat er een gebrek is aan een goede referentielijst die aantoont wat
de betere bronnen zijn. Momenteel ziet men soms door het bos de bomen niet meer. Een
systeem dat enkel de belangrijkste bronnen per thema naar voor brengt, zou een grote
meerwaarde bieden, aangezien men op dit ogenblik afhankelijk is van wat gemakkelijk te
raadplegen is of wat beschikbaar is. Ook is men vaak afhankelijk van de goodwill van andere
collega’s om pertinente informatie te krijgen. Niet iedereen voelt zich geroepen om informatie
te delen of om mee te delen waar belangrijke bronnen zich bevinden.
4.3. Centraal samengebracht
Daarnaast vinden de respondenten het belangrijk dat de informatie ergens centraal
ondergebracht wordt en dat iedereen van de politie deze informatie kan raadplegen.
Momenteel is het niet voor iedereen duidelijk welke informatie waar beschikbaar is. Zo weten
sommige mensen niet wat er voor handen is in de eigen bibliotheek (de bibliotheek van het
documentatiecentrum CDC). Hier zal binnenkort verandering in komen daar de catalogus
(VUBIS) nog maar pas operationeel en raadpleegbaar is voor de leden van de politie.
Bovendien heeft om veiligheids- en privacyredenen, niet iedereen toegang tot de
verschillende operationele databanken van de federale politie, wat het werken soms moeilijk
maakt. Eveneens merken we op dat vele interessante bronnen betalend zijn en de
abonnementen bijgevolg te duur. Het zou goed zijn mocht men een bepaalde bron centraal
kunnen aankopen en beschikbaar stellen aan alle diensten, in plaats van per dienst een
abonnement te voorzien.
4.4. Uitwisseling van informatie
Vele respondenten klagen het gebrek aan uitwisseling van informatie aan. Men is niet op de
hoogte wie over welke deskundigheid of dossiers beschikt. Een lijst met nuttige
contactpersonen met expertise op verschillende kennisdomeinen is een must. Ook meldt men
een gebrek aan informatiedoorstroom tussen de verschillende niveau’s. De leden van de
federale politie zijn te weinig op de hoogte van wat er reilt en zeilt op het lokale niveau. Dit
euvel zien we ook tussen de verschillende niveau’s van de federale politie, daar de informatie-
uitwisseling tussen het centrale en arrondissementele niveau niet altijd even vlot verloopt. De
databank Virtuele Bibliotheek zou hier een oplossing kunnen bieden.
4.5. Opnemen van noodzakelijke bronnen
Uit de verschillende gesprekken die plaatsvonden, is er een inventaris opgemaakt van de
bronnen die zeker niet mogen ontbreken. Het gaat om een dagelijkse scan van de pers, de
gespecialiseerde wetgeving, vakliteratuur betreffende wetenschappelijke politie, literatuur
15-8-2022
6
rond management en algemene wetenschappen. Eveneens is er nood aan een lijst met nuttige
contactpersonen en een lijst met interessante hulpmiddelen of tools.
5. De beperkingen
Tijdens het onderzoek werden we met verschillende belemmeringen geconfronteerd, dit zowel
op technisch, organisatorisch als juridisch vlak. Het is belangrijk om weten dat deze een
belangrijke invloed hebben gehad op het interface-voorstel dat wij later hebben naar voor
gebracht.
5.1. Technische beperkingen
Op technisch vlak zijn er een aantal pertinente beperkingen die tijdens de interviews steeds
werden genoemd. Deze beperkingen hebben een belangrijke invloed gehad op het verder
verloop van het project, aangezien men pas iets kan realiseren indien het technisch mogelijk
is.
5.1.1. Scheiding Internet en Intranet
De politie werkt met een gesloten intranetsysteem. Dit netwerk is niet verbonden met Internet,
wat tot gevolg heeft dat de politiemensen die aangesloten zijn op het Intranet, dit is zo goed
als iedereen die werkzaam is binnen de politie, geen toegang hebben tot het Internet voor het
opzoeken van informatie. Nu heeft men dit enigszins opgelost door een reeks informatie te
voorzien op Intradoc. Intradoc is een portaal dat beschikbaar wordt gesteld op het politiële
Intranet. Deze applicatie bevat omzendbrieven, Europese wetgeving, interne documenten,
externe documentatie zoals kranten, tijdschriften,... Eveneens werden de belangrijkste
websites op het systeem gekopieerd, het gaat onder andere om de websites van de overheid en
Europol. Doch wordt de politieman met een reeks beperkingen geconfronteerd, daar bepaalde
bronnen niet toegankelijk zijn. Eveneens is in sommige gevallen de contactname met de
buitenwereld beperkt, daar het sturen van e-mails buiten het interne netwerk niet altijd
mogelijk is. Daar een computer om veiligheidsreden niet mag aangesloten zijn op de beide
netwerken, wordt Internet veel minder gebruikt dan Intranet. Sommige zone’s zijn niet
aangesloten op Internet, andere diensten beschikken slechts over één PC met een
Internetaansluiting voor 10 personen. Sommige diensten werken hoofdzakelijk met Internet,
maar dit is eerder uitzonderlijk.
Volgens de Dienst van de Telematica zijn er 23000 werkposten verbonden met Intranet voor
ongeveer 40000 personen. Hoeveel PC’s er op Internet zijn aangesloten, kon de Dienst van de
Telematica niet weergeven daar deze niet op het netwerk zijn aangesloten (stand alone). De
installatie van Internet is de verantwoordelijkheid van elke directie afzonderlijk. Dus voor de
meeste politiemensen is het niet evident om Internet te raadplegen tijdens de werkuren. Vaak
hoorden we tijdens de interviews dat men s’avonds na de werkuren, thuis zaken opzoekt die
verband houden met het werk.
Deze vaststelling brengt de nodige consequenties met zich mee, aangezien het hoofddoel van
het project Virtuele Bibliotheek het openstellen van open bronnen is, naar zowel politie als
wetenschappers en judiciairen. We kunnen er niet om heen dat het Internet een belangrijke
open bron vormt, waar heel wat informatie te vinden is. Eveneens is het niet evident om tot
uitwisseling van informatie te komen met verschillende partners, als één van de partners
werkzaam is op een gesloten netwerk. Vandaar dat de onderzoeksploeg opteerde om de
15-8-2022
7
applicatie zowel beschikbaar te stellen op Intranet als Internet. Op Internet kunnen links
voorzien worden, die op het intranet wel te lezen zullen zijn, maar dus niet raadpleegbaar. Nu
hebben we vernomen dat weldra Intradoc zal aangeboden worden op het Internet, maar het zal
enkel te raadplegen zijn door de leden van de politie.
12
Dus zijn we nog steeds verplicht, het
systeem op beide netwerken te voorzien.
5.1.2. Beperkte middelen
Tijdens de interviews merken we op dat sommige personen, voor wat het verwerken van non-
operationele informatie betreft, met verouderde of niet compatible systemen werken.
Sommige diensten werken met Windows 95 of ouder, anderen werken met Macintosh-
applicaties. Om daar op in te spelen, biedt men in Intradoc de documenten die men kan
downloaden, in verschillende versies aan. Op operationeel vlak zijn de programma’s veel
beter uitgewerkt en maakt men werk van de ontwikkeling van een gemeenschappelijk
“PolOffice” waardoor iedereen dezelfde interface zal kunnen hanteren.
13
Ook op non-
operationeel vlak zou een zekere uniformiteit welkom zijn.
Ook kregen we vaak de opmerking dat het Intradoc-netwerk te traag functioneert. Het
downloaden van bepaalde bronnen is niet altijd evident, daar het te veel tijd in beslag neemt.
5.2. Organisatorische beperkingen
5.2.1. Omgaan met vertrouwelijke gegevens
Sommige gegevens binnen de politie zijn vertrouwelijk en kunnen onmogelijk ter beschikking
gesteld worden van andere personen. Het is noodzakelijk bij het weergeven van een document
om aan te duiden of het vertrouwelijk is of niet. In Intradoc bestaat er een systeem waarbij
vertrouwelijke documenten slechts door een aantal personen kunnen worden ingekeken. Ook
voor het creëren van bestanden die later zullen opgenomen worden in de Virtuele Bibliotheek
is dit een belangrijke voorwaarde. Uiteraard zullen er een aantal personen zijn die hierover
oordelen en niet enkel de schrijver van de documentatiefiche. Hier komen we later nog op
terug.
5.2.2. Wildgroei van verschillende initiatieven.
Op operationeel niveau beschikt de politie over verschillende initiatieven die zorgen voor een
beter informatiebeheer.
14
Op non-operationeel vlak merken we een wildgroei aan initiatieven
op, zonder dat deze systemen op elkaar zijn afgestemd. We zien zaken opduiken zowel op
Internet als Intranet. Verschillende diensten verzorgden hun eigen website, zonder overleg
met andere diensten, wat met zich meebracht dat er informatie dubbel werd verspreid.
Gelukkiglijk bestaat er nu een commisie die hierop toeziet en heeft men de zaken geïntegreerd
in http://www.fedpol.be. Verder zien we dat verschillende diensten zelf een soort databank
creëren om hun gegevens te structuren en te kunnen uitwisselen. Het is belangrijk dat de
Virtuele Bibliotheek geen overlapping vormt met deze reeds bestaande initiatieven, anderzijds
12
http://www.poldoc.be/web/intradocn.htm, (12/12/05).
13
Activiteitenverslag federale politie 2004, Federale politie, Brussel, 2004, p. 106.
http://www.poldoc.be/dailydoc/news/dd051021/activiteitenverslag%20van%20de%20federale%20politie%2020
04%20(volledig).pdf (21/01/2006)
14
Activiteitenverslag Federale politie 2003, p 99.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/rapport%20pol%20fed/Activiteitenverslag.pdf (01/12/2005)
15-8-2022
8
is het geen slecht idee om deze initiatieven in een bepaald systeem onder te brengen, om zo
dubbelwerk te voorkomen. Om deze reden heeft de onderzoeksgroep bij het voorstellen van
de interface veel aandacht geschonken aan de zaken die reeds bestonden.
5.2.3. Cultureel paradigma
Desondanks het ILP-principe meer en meer naar voor wordt geschoven als de werkwijze van
de politie, merkten we tijdens onze studie op dat het delen of uitwisselen van informatie met
andere diensten, geen deel uit maakt van de gangbare manier van werken. Ook in de bijdrage
van Corion vinden we terug dat de vorm van informatiegestuurde zorg, waarbij het beheren
van informatie en het uitwisselen van informatie met externe partners centraal staat, een
culturele omslag zal vereisen.
15
We merkten een zekere terughoudendheid op ten opzichte
van het nieuwe initiatief. Alvorens men tijd aan de Virtuele bibliotheek wil besteden, wil men
er zeker van zijn een win win situatie te bereiken. Zo wil men zo weinig mogelijk tijd
verliezen met het updaten of het invoeren van gegevens in het systeem, maar wil men wel
zoveel mogelijk interessante informatie uit het systeem halen. Niet enkel het besteden van tijd
vormt een belemmering, ook het uitwisselen van informatie met externen wordt niet warm
onthaald. In de literatuur vinden we ook terug dat de traditionele politiecultuur gekenmerkt
door een zeker scepticisme ten opzichte van buitenstanders.
16
De traditionele politiecultuur
wordt gevoed door een beeld van crime-fighting en handhaver van law and order, terwijl
andere taken zoals onder andere informatieverstrekking, een lager status krijgen. Ook vinden
we in de literatuur terug dat het niet gemakkelijk is voor de politie om te breken met de
traditionele cultuur. Het traditionele paradigma is nog steeds een restant in de toepassing van
COP (Community Oriented Policing)
17
, het werkmodel van vandaag de dag. Zolang de
cultuur niet verandert, zal het dus moeilijk worden om over te gaan tot het delen en
uitwisselen van informatie. De eerste stap in de goede richting kan genomen worden door de
te komen tot de implementatie van de Virtuele Bibliotheek. Op deze manier wordt er reeds
een instrument aangeboden om informatie-uitwisseling tot stand te brengen. Het louter
aanwezig zijn van het instrument zal niet voldoende zijn, het zal ook daadwerkelijk moeten
gebruikt worden. Dit geven Ponsaers en Enhus aan: een cultuurverandering start niet met
structurele aanpassingen; door slechts aan de structuur te sleutelen blijft men welinswaar met
de oude opvattingen werken. De wijzigingen die men ontwikkelt om in te spelen op de
culturele problemen, moeten vertaald worden in handelingsstrategieën”.
18
5.3. Juridische en financiële beperkingen
Juridisch zijn er een aantal beperkingen die vastgelegd zijn door de wet op auteursrechten en
naburige rechten van 30 juni 1994. Het zou ons te ver lijden om deze wetgeving verder uit te
spitten. Het is wel van belang te weten dat door de beperkingen die deze wet voorziet, het
onmogelijk is om zomaar allerlei zaken op te nemen in de databank. De financiële kost zou te
groot worden indien alle auteursrechten moeten betaald worden. Om die reden opteerde de
onderzoeksploeg om enkel referenties weer te geven in de applicatie, maar waar mogelijk
worden er hyperlinks voorzien naar de belangrijke internetsites.
15
Corion, S., o.c., p. 18.
16
Van Ryckeghem, D., Hendrickx, E. en Easton, M., De 'waarde' van community policing; In: Handboek
Politiediensten, Afl 58,59 1, 2001.
17
Van Ryckeghem, D., Hendrickx, E. en Easton, M., o.c., p.15.
18
Enhus, E. en Ponsaers, P. Onmacht tot cultuurverandering. Politiehervorming in België. Tijdschrift voor
Criminologie, Amsterdam, 2005 (47) p. 352-353.
15-8-2022
9
We kunnen ons afvragen of er dan geen toestemming moet gevraagd worden aan de
rechthebbende, indien men in de applicatie een hyperlink voorziet? Volgens de studie van M.
Buydens is dit niet het geval. We kunnen de hyperlink zien als een digitale equivalent van een
voetnoot ofwel kunnen we er van uit gaan, dat diegene die een auteursrechtelijk beschermd
element op internet zet, toestemming verleend om een hyperlink te voorzien.
19
6. De applicatie
In dit deel wordt een korte beschrijving voorzien van de gebruikersinterface. Eerst wordt kort
stilgestaan bij de verschillende technische applicatiemogelijkheden die er zijn voor het
uitbouwen van zulke applicatie, daarna wordt de uiteindelijk keuze verantwoord. Tot slot
hebben we aandacht voor de inhoud en het beheer van het systeem.
6.1. Verschillende technische applicatiemogelijkheden
Voor het uitbouwen van de applicatie zijn er technisch verschillende mogelijkheden
beschikbaar: een virtuele bibliotheek, een webportaal, een contentmagagmentsysteem of een
referotheek.
20
De virtuele (of numerieke) bibliotheek is een transformatie van de klassieke bibliotheek. Het
groepeert verschillende elektronische documenten die men direct kan lezen of downloaden.
Het grote voordeel is dat alle informatie direct beschikbaar is, maar het grote nadeel is dat er
een grote opslagcapaciteit nodig is en dat ook de auteursrechten moeten gerespecteerd
worden.
Een portaal is een webpagina die de Internetgebruikers direct toegang biedt tot het net. Het
voorziet de gebruiker van een hele reeks informatie zoals basisservices, weerberichten,
actualiteit, een classificatie per thema,…. Er zijn algemene portalen (yahoo, MSN) en
thematische portalen. Deze sites vormen als het ware een virtueel bureau waar allerhande
informatie geordend is en aangebonden wordt. Men heeft echter geen zicht op wie de inhoud
creëert, beheert en publiceert.
Een contentmanagementsysteem zorgt er voor dat alle publicaties in hun geheel kunnen
worden bijgehouden. Het biedt de mogelijkheid om een grote variatie van bronnen uit te
brengen, bij te sturen en te publiceren. De gegevens kunnen verspreid worden via het web,
teletekst of andere kanalen. Een voordeel is dan men controle heeft over de creatie, de
publicatie en validatie van de gegevens. De inhoud wordt gescheiden van het design van de
website, wat de update gemakkelijker maakt.
Een referotheek groepeert allerlei referenties van bronnen of informatie maar voorziet geen
directe toegang tot de bronnen. Het leunt sterk aan bij een portaal, enkel is er geen directe link
naar de bron, wel zal de exacte locatie van de bron steeds weergegeven worden.
19
Buydens, M., Auteursrechten en internet, problemen en oplossingen voor het creëren van online databanken
met beeld of tekst, DWTC, 1998 http://www.belspo.be/belspo/home/publ/pub_ostc/d_auteur/rapp_nl.pdf
20
Deze informatie is een samenvatting van een seminarie ‘Gestion de continu ou bibliothèque numérique’ Anne
De Baenst op 13 december 2004, te Namen, FUNDP, in kader van het onderzoek FORMATIC-PADI,
http://www.fundp.ac.be/recherche/projets/fr/01299003.html
15-8-2022
10
6.2. De referotheek
Na het bekijken van de verschillende mogelijkheden, hebben we uiteindelijk geopteerd voor
het gebruik van een referotheek (weergave van referenties).
Het voordeel van dit systeem is dat we een brede waaier van bronnen naar voor kunnen
brengen, zowel elektronische bronnen, contactpersonen als geschreven bronnen. Eveneens is
er geen opslagprobleem en is ook het probleem internet/intranet van de baan. Eveneens wordt
het updaten van het systeem gemakkelijker daar dit zowel op een gecentraliseerde als
gedecentraliseerde manier kan gebeuren. Ook juridisch zijn er geen belemmeringen daar er
geen rechtstreekse bronnen worden opgenomen. Wel wordt aan de grootste behoefte voldaan,
namelijk het systeem filtert de informatie, wat de zoektocht gemakkelijker gemaakt.
6.3. Doel van de applicatie
Deze applicatie omvat verschillende soorten documenten en eveneens zijn er verschillende types
van bronnen aanwezig. Ten eerste gaat het om kwalitatieve informatie voornamelijk afkomstig
uit open bronnen die de vergemakkelijking van de interpretatie, contextualisatie en analyse van
juridische gegevens, criminele fenomenen of andere fenomenen (technische en
wetenschappelijke materies, materies aangaande administratieve politie), beoogt. Er zullen dus
referenties worden opgenomen van verschillende documentatiebronnen (boeken, tijdschriften,
…) die nog niet zijn opgenomen in de reeds bestaande politiedatabanken.
21
Ten tweede worden
bronnen opgenomen die complementair zijn met de al bestaande documentatietoepassingen
(Intradoc,Vubis). Het gaat een link naar reeds bestaande toepassingen, internetsites of
gegevensbanken met nuttige contacten en hun kennisdomein. De toepassing laat ook toe om
informatie te delen, daar het gaat om een samenvoeging van referenties komende van binnen en
van buiten de politie.
6.4. Inhoud van de applicatie
In de applicatie zal men dus verschillende referenties terugvinden. De interface is
onderverdeeld in vier grote categorieën van bronnen.
Ten eerste hebben we de gespecialiseerde bibliotheek. Deze categorie bestaat uit referenties
van boeken, artikelen, tijdschriften, eindwerken, rapporten en notities, handboeken en
syllabussen, documentatie van conferenties, websites, audiovisueel materiaal, multimedia en
diversen. Deze bibliotheek is ingedeeld in vier hoofdthema’s die op hun buurt nogmaals
werden ingedeeld in subthema’s. De hoofdthema’s zijn: gerechtelijke materies, technische en
wetenschappelijke materies, materies aangaande administratieve politie en humane
wetenschappen. Deze keuze is er niet zomaar gekomen. Bij het opstellen van deze thema’s
hebben we de behoeftestudie gerespecteerd en bijgevolg rekening gehouden met de noden van
de respondenten.
Ten tweede is er een rubriek nuttige contacten. Deze zijn ingedeeld in verschillende types,
politioneel of extern aan de politie. Per persoon zal er een beschrijving gegeven worden van
zijn competenties en worden de contactgegevens weergegeven. Deze categorie zal toelaten
om een beter zicht te hebben op de kennisdomeinen van de leden van de politie, maar ook op
deze van mensen die werkzaam zijn in de juridische of wetenschappelijke wereld.
21
We duiden hier op de non-operationele databanken, o.a. Indradoc, Dailydoc, Vubis-cataloog.
15-8-2022
11
Ten derde wordt een evenementenagenda voorzien. Verschillende types van evenementen
worden voorzien: congressen, conferenties, studiedagen en andere evenementen. Indien
mogelijk, is er een link aanwezig naar de desbetreffende website. Eveneens worden er linken
voorzien naar de reeds bestaande opleidingssites, zowel van de politie als van de overheid.
Ten vierde hebben we een categorie tools. Het gaat om handige werkinstrumenten die het
zoeken of beheren van informatie eenvoudiger maken. Er zijn verschillende types die worden
voorzien zoals zoekmachines, encyclopedieën, woordenboeken, Freeware/Shareware
software, andere tools…)
Tot slot stellen we linken beschikbaar naar de catalogi van verschillende bibliotheken en is er
ook een link voorzien naar Intradoc.
Uiteraard worden er ook verschillende zoekfuncties voorzien: eenvoudig zoeken, geavanceerd
zoeken per thema,… Ook is er een mogelijkheid om documentatiefiches te bewaren, kan men
op de hoogte gehouden worden nieuwigheden die verschijnen en kan men op een pagina
toepassingsbeheer terecht.
De informatie wordt beschikbaar gesteld op documentatiefiches. Deze worden op een
uniforme manier opgesteld, zodat per categorie van bronnen steeds hetzelfde format van fiche
wordt aangeboden. Per categorie komen dus steeds dezelfde velden terug. Om de
documentatiefiches te creëren, hebben we verschillende bronnen geraadpleegd, uiteindelijk
hebben we gebruik gemaakt van de overeenkomst BibTeX
22
en hebben we ons geïnspireerd
op de internationale ISO-normen.
6.5. De gebruikers
Verschillende personen zullen toegang krijgen tot dit systeem. De politieleden kunnen
gebruik maken van de applicatie. De onderzoeksploeg stelt voor om de politieleden een login
en paswoord te bezorgen per mail. Zij zullen de toepassing kunnen raadplegen via Intranet.
Externen kunnen eveneens de toepassing raadplegen, maar men zal zich eerst moeten
registreren in het systeem. Een beheerscommissie bestaande uit leden interne en externe aan
de politie (politieactoren, judiciairen en wetenschappers) zullen beslissen of men al dan niet
toegang krijgt. De andere instituten die toegang kunnen krijgen tot het systeem zijn de
wetenschappelijke sector (de universiteiten, onderzoeksinstellingen,…) de sociale sector
(justitieel welzijnwerk en slachtofferbejegening) , de gerechtelijke sector (gerecht en parket)
en de openbare sector (federale overheidsdiensten).
6.6. Beheer van het systeem
Binnen de onderzoeksploeg had men een idee voor ogen hoe het beheer zou kunnen verlopen.
In het systeem zijn er verschillende statuten die men kan ontvangen:
- Gebruiker/lezer: mogelijkheid voor de drager van dit statuut om de toepassing te gebruiken
en de documentatiefiches te raadplegen.
- Redacteur: mogelijkheid voor de drager van dit statuut om documentatiefiches die de
toepassing voeden, op te stellen.
22
Website van IRIT : Institut de Recherche en Informatique de Toulouse,
http://www.irit.fr/ACTIVITES/EQ_TCI/BIBLIO/help_bibtex_fr.html (laatst geraadpleegd op 04/01/2006)
15-8-2022
12
- Validateur: mogelijkheid voor de drager van dit statuut om documentatiefiches te valideren
of te verwijderen.
- Beheerder: deze persoon beheert de gehele applicatie.
- Webmaster: deze persoon beheert de webinterface, design, …
Een persoon kan meer dan één statuut krijgen. Om de kwaliteit en de relevantie van de
interface die beschikbaar is op het systeem te garanderen, zullen de redacteuren gekozen
worden op basis van hun bekwaamheden. Dit, om de noodzaak aan een validatieproces te
limiteren en om het publiceren van de inhoud te versnellen. Zo ook, kan het profiel van de
redacteur aan zekere deelgebieden (agenda, tools, …) verbonden zijn.
De leden van het begeleidingscomité van dit project hebben gekozen voor een gedeeld beheer
onder de verschillende deelnemende instellingen. Het doel is de uitwisseling van
informatiebronnen tussen en in de instellingen op die manier te ondersteunen. Er zullen
verschillende instellingen aangeschreven worden met de vraag om aan het project te willen
deelnemen. Het actief plaatsen van documentatiefiches wordt wel als een voorwaarde gesteld.
In dit systeem, zullen alle instellingen dezelfde regels hanteren om de verschillende statuten
toe te kennen. Deze regels moeten beschreven worden door een beheerscommissie die
samengesteld zal worden uit vertegenwoordigers van alle deelnemende instellingen
(politieactoren, judiciairen en wetenschappers). Deze commissie zal ook voorstellen welke
instellingen toegang mogen krijgen tot het systeem.
7. Besluit
De politie zorgt nu voor de implementatie van de applicatie. Wanneer het systeem precies zal
geïmplementeerd worden is nog niet duidelijk. Ook moet men nog beslissen wie deel zal uit
maken van de beheerscommissie van de applicatie. Wel is er reeds een opvolgingscomité
’Virtuele Bibliotheek’opgericht die zich over deze vraagstukken zal bekommeren.
Een afgewerkt lastenboek…
Ons lastenboek is, zeer uitvoerig en in ruime mate gevalideerd door de politieactoren,
judicairen en wetenschappers die deel uit maakten van het begeleidingscomité. Immers
werden de verschillende specificaties en opvattingen naar behoren afgerond en in het
lastenboek opgenomen. Het gaat om de behoeftestudie, de belemmeringen en de interface die
op basis daarvan werd samengesteld. De enige keuze die nog moet vallen, is op het niveau
van het systeembeheer.
Van virtuele bibliotheek tot kennisbeheer….
Terwijl de context van ons lastenboek kenmerkend is voor de politie (specifieke bestaande
systemen en technische belemmeringen), is het onderwerp van deze toepassing eveneens van
belang voor de talrijke openbare en particuliere instellingen. Als zodanig treft men in deze
instellingen een latent kennisbeheer aan en probeert men vandaag de Knowhow beter te
beheren en vooral beter te delen met andere organisaties. Betreffende kennisbeheer, kan het
lastenboek een concrete en operationele weergave bieden van zowel zijn inhouds- als
beheersaspecten. Hij kan om die redenen een aantal openbare instellingen helpen in de
ontwikkeling van hun methodes ter kapitalisatie van hun Knowhow.
15-8-2022
13
Een overdraagbare methodologie…
Een dergelijk project aanvatten, vereist het ontwikkelen van een participatieve methodologie
waar men met de betrokken actoren aan het denkbeeld van het project werkt. In kader van dit
project hebben we een strikte en waardevolle methodologie willen hanteren, rekening
houdend met de mening van iedereen. Wij hebben eveneens altijd voldoende tijd genomen om
de verschillende conceptkeuzen op een solide en legitieme basis te valideren. Deze
methodologie kan derhalve andere openbare instellingen die projecten ontwikkelen inzake
samenwerking en/of uitwisseling van informatie, van dienst zijn.
Onze onderzoeksrapport zal ter beschikking gesteld worden op de website van FOD
Wetenschapsbeleid en beide universiteiten (http://www.belspo.be,
http://www.info.fundp.ac.be/cita en http://sva.ugent.be/ ). Voor meer informatie, kan u zich
wenden tot onze onderzoeksgroep, op onderstaande coördinaten
23
Bronnen
Activiteitenverslag federale politie 2003, Federale politie, Brussel, 2003,148 p.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/rapport%20pol%20fed/Activiteitenverslag.pdf
(laatst geraadpleegd op 04/01/2006)
Activiteitenverslag federale politie 2004, Federale politie, Brussel, 2004, 166 p.
http://www.poldoc.be/dailydoc/news/dd051021/activiteitenverslag%20van%20de%20federale
%20politie%202004%20(volledig).pdf (laatst geraadpleegd op 21/01/2006)
Buydens, M., Auteursrechten en Internet, problemen en oplossingen voor het creëren van
online databanken met beeld of tekst. DWTC, Brussel, 1998, 100 p.
http://www.belspo.be/belspo/home/publ/pub_ostc/d_auteur/rapp_nl.pdf
Corion, S., Informatiegestuurde politiezorg. In: Handboek politiediensten, Kluwer, alf 67,
2003, 21 p.
Corion, S., De Belgische Informatiegestuurde politiezorg, Oorsprong en beginselen. In:
Vandenbroeck, T., Enhus, E., ea., Intelligence Led Policing, Brussel, Politeia, 2005, p 23-42.
De Baenst, A., Gestion de continu ou bibliothèque numérique’ op 13 december 2004, te
Namen, FUNDP, in kader van het onderzoek FORMATIC-PADI,
http://www.fundp.ac.be/recherche/projets/fr/01299003.html
Dumont, V., Laurent, V., De Pauw, E., Lobet-Maris, C., (Prom.) en Ponsaers, P., (Prom.).
Onderzoek “Agora :Virtuele Bibliotheek”, Eindrapport, Analyse van de haalbaarheid van het
project en een methodologisch lastenboek van de toepassing ,30 november 2005, Onderzoek
voor de federale politie in opdracht van FOD Wetenschapsbeleid, december 2004 - november
2005, FUNDP Namur,Universiteit Gent.
23
Vakgroep Strafrecht en Criminologie -UNIVERSITEIT GENT, Universiteitstraat 4, 9000 Gent , Evelien De
Pauw, Evelien.DePauw@UGent.be, , CITA - FUNDP, Rue Grandgagnage, 21, 5000 Namur, Veronique Laurent
en Veronique Dumont Tel: 081/72 49 94, 081/72 49 61 vla@info.fundp.ac.be, vdu@info.fundp.ac.be.
15-8-2022
14
Enhus, E., en Ponsaers, P., Onmacht tot cultuurverandering. Politiehervorming in België.
Tijdschrift voor Criminologie, Amsterdam, 2005 (47) p. 345-353.
Jacob, R., Gérer les connaissances et la fonction ressources humaines : Un défi de la nouvelle
compétitivité du 21ème siècle, in Rapport du CEFRIO, 2000.
Nationaal Veiligheidsplan van de federale politie 2003-2004, deel 1, Federale politie, Brussel,
2003, 21 p. http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/pns03-04/deel1n.pdf (laatst geraadpleegd op
04/01/2006)
Nationaal Veiligheidsplan 2004-2007, 30 maart 2004, Federale politie, Brussel, 2004, 39 p.
http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/NVP/NVP%20N%2030mar04.pdf (laatst
geraadpleegd op 12/12/2005)
Ratcliffe, J., Intelligence Led Policing, Trends & Issues. In: Crime and Criminal Justice,
Camberra, Australian Institute of Criminology, 2003, No. 248.
Van Ryckeghem, D., Hendrickx, E. en Easton, M., De 'waarde' van community policing. In:
Handboek Politiediensten, Afl 58,59, 2001, 17 p.
Website van Federaal Wetenschapsbeleid,
www.belspo.be/belspo/agora/index-nl.htm (laatst geraadpleegd op 10/12/2005)
Website Poldoc, de documentatie voor de politiewereld,
http://www.poldoc.be/web/intradocn.htm (laatst geraadpleegd op 05/12/2005)
Website van IRIT : Institut de Recherche en Informatique de Toulouse ,
http://www.irit.fr/ACTIVITES/EQ_TCI/BIBLIO/help_bibtex_fr.html (laatst geraadpleegd op
04/01/2006)
ResearchGate has not been able to resolve any citations for this publication.
Article
What is intelligence-led policing? Who came up with the idea? Where did it come from? How does it relate to other policing paradigms? What distinguishes an intelligence-led approach to crime reduction? How is it designed to have an impact on crime? Does it prevent crime? What is crime disruption? is intelligence-led policing just for the police? These are questions asked by many police professionals, including senior officers, analysts and operational staff. Similar questions are also posed by students of policing who have witnessed the rapid emergence of intelligence-led policing from its British origins to worldwide movement. These questions are also relevant to crime prevention practitioners and policy-makers seeking long-term crime benefits. The answers to these questions are the subject of this book.
  • Politie Activiteitenverslag Federale
Activiteitenverslag federale politie 2004, Federale politie, Brussel, 2004, 166 p. http://www.poldoc.be/dailydoc/news/dd051021/activiteitenverslag%20van%20de%20federale %20politie%202004%20(volledig).pdf (laatst geraadpleegd op 21/01/2006)
Auteursrechten en Internet, problemen en oplossingen voor het creëren van online databanken met beeld of tekst
  • M Buydens
Buydens, M., Auteursrechten en Internet, problemen en oplossingen voor het creëren van online databanken met beeld of tekst. DWTC, Brussel, 1998, 100 p. http://www.belspo.be/belspo/home/publ/pub_ostc/d_auteur/rapp_nl.pdf
De Belgische Informatiegestuurde politiezorg, Oorsprong en beginselen
  • S Corion
  • T Vandenbroeck
  • E Enhus
Corion, S., De Belgische Informatiegestuurde politiezorg, Oorsprong en beginselen. In: Vandenbroeck, T., Enhus, E., ea., Intelligence Led Policing, Brussel, Politeia, 2005, p 23-42.
Gestion de continu ou bibliothèque numérique
  • A De Baenst
De Baenst, A., Gestion de continu ou bibliothèque numérique' op 13 december 2004, te Namen, FUNDP, in kader van het onderzoek FORMATIC-PADI, http://www.fundp.ac.be/recherche/projets/fr/01299003.html
Onmacht tot cultuurverandering
  • E Enhus
  • P En Ponsaers
Enhus, E., en Ponsaers, P., Onmacht tot cultuurverandering. Politiehervorming in België. Tijdschrift voor Criminologie, Amsterdam, 2005 (47) p. 345-353.
Gérer les connaissances et la fonction ressources humaines : Un défi de la nouvelle compétitivité du 21ème siècle
  • R Jacob
Jacob, R., Gérer les connaissances et la fonction ressources humaines : Un défi de la nouvelle compétitivité du 21ème siècle, in Rapport du CEFRIO, 2000.
  • Nationaal Veiligheidsplan
Nationaal Veiligheidsplan 2004-2007, 30 maart 2004, Federale politie, Brussel, 2004, 39 p. http://www.poldoc.be/dir/cg/cgc/document/NVP/NVP%20N%2030mar04.pdf (laatst geraadpleegd op 12/12/2005)
De 'waarde' van community policing
  • D Van Ryckeghem
  • E Hendrickx
  • M Easton
Van Ryckeghem, D., Hendrickx, E. en Easton, M., De 'waarde' van community policing. In: Handboek Politiediensten, Afl 58,59, 2001, 17 p.