BookPDF Available

Criminaliteit en veiligheid in Almere. Ontwikkelingen, perspectieven en opgaven, 2010-2030

Authors:

Abstract

This book charts the development of crime and (in)security in Almere since 2010. It describes its development until 2030, in connection with the urban and social evolution of the city. In this way, the book explores the challenges this New Town has to tackle in order to keep the safety level in the city manageable.
A preview of the PDF is not available
... Tot slot werd de keuze ook ingegeven door pragmatisme; het beschikken over goede ingangen om snel en met een beperkte doorlooptijd het veldwerk uit te kunnen voeren. Almere is een new town met een voor Nederland uniek groei-en ontwikkelpatroon.164 Stadsdeel Poort, waar een kleine 20.000 mensen wonen, is deels nog in aanbouw en herbergt een fiks aandeel jonge gezinnen die buiten Almere werken. ...
Chapter
Full-text available
The chapter is an in-depth multiple case study of why people decided to decline their right to vote during the municipal elections in The Netherlands (march 2022).
... Voor een recent overzicht van ontwikkelingen met betrekking tot de leefbaarheid en veiligheid in Almere, zie: Moors, De Veen enVan de Wijngaert (2022). ...
Technical Report
Full-text available
The turnout in the municipal elections of March 2022 was historically low. We went to five municipalities with a low turnout, and had conversations with non-voters (and voters). What were their motives? And what is needed, according to them, and local key figures, to increase turnout next time? The study shows a rich picture of the different motives of non-voters. The study is based on qualitative research in five municipalities: Almere (Poort), The Hague (Laakkwartier and Spoorwijk), Den Helder, Oldambt and Weert. Criteria for the selection were in addition to the low turnout: geographical distribution, variation in population size and degree of urbanity.
Book
Full-text available
Het gebeurt dat online – dikwijls seksueel getinte – (beeld)informatie wordt verspreid om iemand ‘te kijk’ te zetten ten overstaan van hun directe omgeving. Iemand wordt ‘exposed’. Deze praktijk heeft een enorme impact op het leven van slachtoffers en daders. Het boek belicht aan de hand van veel wetenschappelijke literatuur de achtergronden en verschijningsvormen van ‘exposen’. Maar het besteedt ook ruim aandacht aan de verhalen van mensen die lelijke littekens hebben opgelopen van online roddel en chantage. Het onderzoek gaat in op verschillende manieren waarop (seksueel) exposen geduid kan worden (sexting, wraakporno en seksafpersing). Het verkent hoe geslacht, etniciteit, culturele en sociaal-maatschappelijke aspecten een rol spelen bij dader- en slachtofferschap. Verder beschrijft het onderzoek de verregaande online en offline verwevenheid bij ‘exposen’ en hoe politie en justitie met exposen omgaan. Het accent ligt echter op hoe het bij ‘exposen’ in werkelijkheid toegaat. Op grond van de ervaringen, de lotgevallen die de meisjes en jongens, hun ouders, hulpverleners in diepte-interviews deelden, schetsen de onderzoekers een gedetailleerd praktijkbeeld van wat er gebeurt als iemand is exposed. Individuele verhalen die staan voor een breder beeld: aangrijpende verhalen van mensen die dikwijls al op jonge leeftijd ‘te kijk’ stonden en in het diepst van hun wezen werden geraakt.
Article
Full-text available
Alom klinken zorgen over de 'verjonging en verharding' van de jeugdcriminaliteit. Toch blijft vaak onduidelijk waar het dan precies over gaat. Zonder dat voor iedereen duidelijk is waar we het over hebben, hangen echter zowel de gedachtewisseling als praktijkinitiatieven in de lucht en is een goed onderbouwde aanpak, laat staan onderzoek naar een effectieve aanpak ervan onmogelijk. Deze notitie beoogt aan de hand van een quick scan tot zo'n noodzakelijke afbakening te komen. D e laatste tijd klinken weer van diverse kanten zorgen over verontrustende criminaliteit van jongeren. Dat is des te opmerkelijker aangezien we sinds 2007 over de hele linie bij jong en oud een spectaculaire afname van de criminaliteit zien. Voor zover hierover cijfers beschikbaar zijn, zien we een derge-lijke afname overigens overal in de westerse wereld. 2 Deze afname is niet alleen zichtbaar in de politieregis-traties maar ook in zelfrapportagestudies en slachtoffer-enquêtes. 3 Het is dus zeer onwaarschijnlijk dat deze afna-me (alleen) het gevolg zou zijn van een 'blinde vlek' of 'dode hoek' bij de registratie, zoals wel wordt beweerd. 4
Article
Full-text available
It is widely recognised that burglary and theft offence trends have broadly moved in parallel in ‘Western’ market-based countries since the 1950s. Most researchers have focussed on the trend from the early 1990s onwards, when burglary and theft offence rates plummeted. One major proposed explanation for this trend, relates to improved security. This paper draws on the longitudinal variations in reward of electronic consumer goods to propose a complementary account. This argument is supported by criminological theory, empirical evidence, and historical trends of specific property crime offences. The paper concludes by explaining that reward and security operate in partnership to influence the opportunity for crime, which provides an optimal account for burglary and theft offence trends over the last 40 years.
Article
Full-text available
In de huidige studie, waarin crimineel gedrag van vroege adolescentie tot volwassenheid is bestudeerd, krijgen we inzicht in de kenmerken van criminele carrières van HIC-daders in Nederland, welke patronen van crimineel gedrag te ontwaren zijn, en in hoeverre het type delict en de leeftijd ten tijde van de eerste strafzaak van invloed zijn op de duur en omvang van de criminele carrière. Het onderzoek kan dan ook waardevol zijn in het bepalen van het type dader waar beleidsmaatregelen zich op moeten richten om het aantal HIC-daders met een lange en actieve criminele carrière terug te dringen.
Book
Full-text available
In deze Monitor Jeugdcriminaliteit 2020 worden in zeven empirische hoofdstukken de ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de periode 2000 tot 2020 beschreven, hoewel niet in ieder hoofdstuk over de volledige periode. Ieder hoofdstuk begint met een bondige samenvatting van de resultaten. Na het introducerende hoofdstuk beschrijven de hoofdstukken 2, 3 en 4 ontwikkelingen onder verschillende bevolkingsgroepen op basis van respectievelijk zelfrapportage van daderschap, jeugdige verdachten en jeugdige strafrechtelijke daders, evenals de afdoeningen door politie en justitie. Daarna volgen enkele thematische hoofdstukken. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op enkele kenmerken van resocialisatie bij jeugdige verdachten en veroordeelden en veranderingen daarin over de tijd. Hoofdstuk 6 beschrijft veranderingen over de tijd in buurten waar incidenten van jeugdcriminaliteit zich concentreren en gaat in op internationale ontwikkelingen. In de hoofdstukken 7 en 8 wordt ingegaan op respectievelijk jeugdige verdachten van cyber- en gedigitaliseerde criminaliteit en vonnissen van jeugdige cyberdaders. Na een samenvatting op hoofdlijnen begint de MJC met een uitgebreidere synthese en conclusie van de resultaten uit deze zeven hoofdstukken waarin ook duiding wordt gegeven aan de gesignaleerde ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de eerste twee decennia van deze eeuw, waarbij de nadruk ligt op de periode 2015-2020.
Article
Full-text available
Objectives: We test the effects of four policy scenarios on recruitment into organized crime. The policy scenarios target (i) organized crime leaders and (ii) facilitators for imprisonment, (iii) provide educational and welfare support to children and their mothers while separating them from organized-crime fathers, and (iv) increase educational and social support to at-risk schoolchildren. Methods: We developed a novel agent-based model drawing on theories of peer effects (differential association, social learning), social embeddedness of organized crime, and the general theory of crime. Agents are simultaneously embedded in multiple social networks (household, kinship, school, work, friends, and co-offending) and possess heterogeneous individual attributes. Relational and individual attributes determine the probability of offending. Co-offending with organized crime members determines recruitment into the criminal group. All the main parameters are calibrated on data from Palermo or Sicily (Italy). We test the effect of the four policy scenarios against a baseline no-intervention scenario on the number of newly recruited and total organized crime members using Generalized Estimating Equations models. Results: The simulations generate realistic outcomes, with relatively stable organized crime membership and crime rates. All simulated policy interventions reduce the total number of members, whereas all but primary socialization reduce newly recruited members. The intensity of the effects, however, varies across dependent variables and models. Conclusions: Agent-based models effectively enable to develop theoretically driven and empirically calibrated simulations of organized crime. The simulations can fill the gaps in evaluation research in the field of organized crime and allow us to test different policies in different environmental contexts.
Article
This paper tries to ascertain the overall impact of the COVID-19 pandemic on the Dutch criminal justice system. In the Netherlands, the first case of COVID-19 was reported in February 2020. On March 16, 2020, the Netherlands went into its first lockdown which lasted until approximately June 15, 2020. The effect of the COVID-19 crisis on crime is ambiguous. Whereas less crime was expected in the physical world, more crime was expected in the online world due to the crisis. During the first lockdown all government offices were closed, including the court buildings. Only urgent criminal cases were handled by the courts. Urgent criminal cases refer to those cases where the rights of suspects were violated or the safety of victims was endangered. During the first lockdown, the backlog of court cases increased, which adversely affected all criminal justice institutions that were responsible for executing court verdicts, like the prison and probation services. This paper assesses the effect of the COVID-19 crisis on crime and the criminal justice system. First, the effect of COVID-19 on crime is assessed by performing a regression analysis on monthly crime data. Second, using a long-standing forecasting model for the criminal justice system, an estimation is made of the long term impact of the changes in the level of crime, of the shifts towards different types of crime, as well as of the reduction of the prosecutor and court backlogs, and of a possible economic downturn and increasing unemployment for the complete criminal justice system.
Article
It has only been recently that fear of crime scholars have shifted their attention to online contexts. The current systematic review provides an overview of available studies on measurement, intensity and determinants of fear of cybercrime. While matters of measurement and conceptualisation has sprung a sizeable and vivid debate in the general fear of crime literature, we aim to scope this debate for the online context by scrutinizing the available knowledge base. At the same time, and by providing an overview of correlates of fear of cybercrime, we aim to provide a fertile ground for theory building specific to the online context. A comprehensive literature search was conducted, yielding a total of 28 relevant studies from a range of (sub)disciplines, using a variety of measures in terms of the particular emotion measured (fear, worry, anxiety) and the type of cybercrime it related to. We find considerable agreement between studies on classic fear of crime indicators such as gender, victimization and risk perception. At the same time, various studies report a relationship between fear of cybercrime and what is termed ‘constrained behavior’, as outcome measure. Implications of these findings, and future directions for fear of cybercrime research are discussed.