ArticlePDF Available

Abstract and Figures

In 2030 moet de CO 2-uitstoot met minimaal 49% zijn teruggedrongen en de Nederlandse industrie dient veel meer circulair te werken dan nu het geval is.
Content may be subject to copyright.
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
66
Noord/
Utrecht
In 2030 moet de CO2-
uitstoot met minimaal 49%
zijn teruggedrongen en de
Nederlandse industrie dient
veel meer circulair te werken
dan nu het geval is.
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Meetbaar maken van de
bijdrage van logistiek aan de
ontwikkeling van circulaire
bedrijfsmodellen
Taeke Tuinstra NHL Stenden Hogeschool
Arjen Wierikx Hogeschool Utrecht
Matthias Olthaar NHL Stenden Hogeschool
Pascal Ravesteijn Hogeschool Utrecht
INLEIDING
De Nederlandse maatschappij staat voor een belangrijke uitdaging. In 2030
moet de CO2-uitstoot met minimaal 49% zijn teruggedrongen en de
Nederlandse industrie dient veel meer circulair te werken dan nu het geval
is. In 2050 is de industrie circulair en stoot vrijwel geen broeikasgas meer
uit. Een hele opgave als je bedenkt dat Nederland volgens de Nieuwe
Economie Index nu nog op een score zit van 12.1% wat betreft circulariteit
(Van ‘t Klooster et al., 2020). Voor de topsector Logistiek betekent dit dat er
kennis en nieuwe concepten ontwikkeld moeten worden om duurzame
logistieke oplossingen te realiseren. Dergelijke oplossingen zijn onont-
beerlijk om de visie van de industriële sector voor de toekomst te
verwerkelijken. De Nederlandse (maak)industrie wil namelijk een belangrijk
motorblok zijn voor de omvorming naar een duurzame en circulaire
economie. Hierbij wordt vooral ingezet op het slim optimaliseren van het
gebruik van grondstof- en materialenstromen in industriële kerngebieden.
67
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
De opgave voor de logistieke discipline in de komende decennia is om bij
te dragen aan procesoptimalisatie waardoor in lijn met de circulaire
gedachte met minder grondstoen hetzelfde of zelfs meer wordt
gecreëerd.
Locibel
Vanuit bovenstaande gedachtegoed is het Platform Logistieke Toepassingen In Maatschap-
pelijke Opgaven (Logitimo) in 2017 opgericht, een samenwerkingsverband van 17 lectoren
van 10 hogescholen. In 2018 is Logitimo gaan samenwerken met het lectorenplatform
Circulaire Economie en het programma LogiCE. Deze partijen hebben intensief
samengewerkt bij het organiseren van een werkconferentie waarbij de nadruk lag op
praktische vraagstukken waar je als ondernemer in de logistieke sector tegen aanloopt als je
'circulair' wilt opereren. Mede vanuit de isssues die bedrijven tijdens deze conferentie naar
voren brachten, is het volgende centrale thema voor Logitimo geformuleerd: wat is de rol
van logistiek in een circulair opererende samenleving? Zowel vanuit de kennisinstellingen
als bedrijven is er geen goed antwoord gegeven op deze vraag. Dit kenmerkt de premature
fase waarin het concept en de praktijk van logistiek in de circulaire economie zich bevinden.
Voor de logistieke (top)-sector – goed voor 10% van ons BNP – is de strategische doelstel-
ling om bestaande concurrentievoordelen vast te houden en uit te bouwen bij de onont-
koombare transitie naar een circulaire economie en samenleving. Deze positionering is de
achtergrond geweest voor het ontwikkelen van een onderzoeksinstrument ten behoeve
van Longitudinaal Onderzoek Circulaire Bedrijfsmodellen in de Logistiek (Locibel).
Het streven is om langdurig (>5 jaar) onderzoek uit te voeren naar de adaptatie van
logistieke oplossingen die de transitie naar een circulaire economie en verschillende
bedrijfsmodellen daarbinnen bevorderen. Het doel van het langdurig onderzoek is een
bijdrage te leveren aan:
het delen van concrete, praktische kennis waar de sector zelf zijn voordeel mee kan doen;
het stimuleren van maatschappelijke discussie over de noodzaak tot transitie naar een
circulaire economie binnen de logistieke sector en over de problemen die zich voordoen;
het vergroten van de bewustwording over circulariteit binnen het hoger (logistiek)
onderwijs door uitbreiden van praktijkgericht onderzoek;
het versterken van de competitiviteit van de logistieke sector, juist waar het gaat om de –
wereldwijd – onontkoombare transitie naar een circulaire economie(ën).
Om bovenstaande doelstellingen op termijn te realiseren zijn een tweetal zaken essentieel:
1) een uitgebreid netwerk van respondenten welk een representatief beeld geeft van
68
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
logistiek in verschillende sectoren en industrieën en 2) dat metingen door de tijd heen en
tussen sectoren vergeleken kunnen worden. Hiervoor is een robuust en goed doordacht
ontwerp nodig, waarbij enerzijds de kenmerken van een circulair bedrijfsmodel centraal
staat en anderzijds ook de mogelijkheden voor bedrijven worden belicht om een volgende
stap te zetten in de voorgenomen circulaire transitie (fasen van volwassenheid). De
afgelopen maanden is getracht vanuit de literatuur over circulariteit hiervoor belangrijke
bouwstenen te vergaren op basis waarvan de fasen van volwassenheid vanuit een logistiek
perspectief verder duiding kunnen worden gegeven. In dit artikel willen we u graag
meenemen in onze eerste bevindingen.
Circulaire Economie
Als er wordt gekeken naar de verschillende denities die in de literatuur worden gehanteerd
ten aanzien van een circulaire economie, dan valt op dat deze behoorlijk kunnen
uiteenlopen. Wellicht de meest gangbare komt van de Ellen Mac Arthur Foundation (EMF)
waarbij gesproken wordt van:
A circular economy is one that is restorative and regenerative by
design and aims to keep products, components, and materials at
their highest utility and value at all times, distinguishing between
technical and biological cycles (EMF, 2015: 2).
Deze denitie neemt de herbruikbaarheid van producten en grondstoen en het
herstellend vermogen van natuurlijke hulpbronnen als uitgangspunt en streeft naar zo lang
mogelijk waardebehoud en dus zo weinig mogelijk waardevernietiging gedurende het
gehele productie- en consumptie traject. Van daaruit is ook het inmiddels vaak gehanteerde
'buttery'-model voor circulaire productie en consumptie opgesteld (EMF, 2015: 6). Hierbij
draait het in essentie om het zoveel mogelijk creëren van gesloten systemen van product-,
grondstoen- en materiaalcycli om uiteindelijk zo eciënt mogelijk met onze grondstoen
om te gaan. Het planbureau voor de Leefomgeving (Potting et al., 2017: 10) spreekt in dit
verband zelfs van een ultieme vorm van circulariteit als deze cycli voortdurend door zouden
kunnen gaan zonder enige vorm van waardeverlies. Een soort perpetuum mobile zou je
kunnen zeggen, maar waar de auteurs ook wel er van doordrongen zijn dat dit in praktijk
welhaast niet mogelijk is, al is het maar omdat uiteindelijk de gebruikte grondstoen
en materialen uiteindelijk aan kwaliteit zullen inboeten. Dat neemt niet weg dat in een
circulaire economie bedrijven eciënter en duurzamer met grondstoen dienen om te
69
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
gaan met zo weinig mogelijk 'weglek'-mogelijkheden via afval. Bovendien, als dit afval
zich noodgedwongen wel voordoet, dan zouden grondstoen zodanig samengesteld
moeten zijn (hernieuwbaar/biologisch/niet-toxisch) dat ze uiteindelijk makkelijk kunnen
worden afgebroken tot nieuwe grondstoen in producten of in de natuur (EMF, 2015). Hier
liggen ook kansen voor de logistieke sector. Immers, net als in de circulaire economie is de
discipline logistiek gericht op het optimaliseren van processen teneinde grondstoekken,
energielekken, of waardelekken te dichten. De logistieke discipline heeft de wereld de
'keten' gegeven als metafoor voor het organiseren van stromen van productie en distributie.
Het ideaalbeeld is een naadloze aansluiting van alle schakels binnen die keten. Een
'waardelek' kan dan ook langs de lijnen van Olthaar et al. (2017: 3) gedenieerd worden als
'onnodig verliezen van waarde van (grond)stoen, kwaliteit en werkplezier'. Onderstaande
guur geeft voorbeelden weer van lekken in een keten.
Consument
Goederenbronnen
Informatiestromen
Geldstromen
Grondstoek:
product gaat niet retour
Retail Grondstoek:
te veel voorraad
Merknaam
bedrijf
Grondstoek: geen modulair
ontwerp en materialen paspoort
Assemblage
Leverancier
grondstof F
Leverancier
grondstof A
Leverancier
grondstof B
Leverancier
grondstof D
Leverancier
grondstof E
Leverancier
grondstof C
Fabricant
component X
Fabricant
component Y
Fabricant
component Z
Grondstoek:
productiefouten
Grondstoek:
Snijverlies
Grondstoek:
nabije
substituten
beschikbaar
Grondstoek:
Onnodig
gebruik fossiele
grondstoen
Figuur 1 Productieketen en grondstoekken (Olthaar et al., 2017)
70
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Het tegengaan van lekken zal dus een positieve bijdrage leveren aan het meer circulair
maken van de (waarde)keten. Ten aanzien van eventuele mogelijkheden hiertoe, denieert
de literatuur verschillende strategische kaders. Een vaak gehanteerd kader is hierbij de
circulaire R-ladder, waarbij geldt hoe hoger op de ladder hoe hogere de waarde is die aan
circulariteit kan worden toegekend (zie bijvoorbeeld Kishna et al., 2019). Zo zal pas in laatste
instantie gedacht worden aan het recyclen van gebruikte materialen en grondstoen of als
dit niet meer mogelijk is het terugwinnen van energie uit afval (Recover), strategieën die
we in het huidige hoofdzakelijk lineaire model ook al veelvuldig tegenkomen. We kunnen
pas echt circulaire slagen maken als er wordt overgegaan naar het repareren of vernieuwen
van bestaande producten en onderdelen in de gebruiksfase (Reuse, Repair, Refurbish,
Remanufacture en Re-purpose). Op de hoogste treden van de ladder wordt er nagedacht
of in het algemeen het grondstofgebruik niet kan worden geminimaliseerd door het afzien
van fysieke producten via bijvoorbeeld virtuele alternatieven (Refuse), producten meer te
laten delen (denk aan bijvoorbeeld een leesmap, een auto of tuingereedschap) en/of deze
multifunctioneel te maken (Rethink), en tenslotte het eciënter fabriceren van producten
en/of deze eciënter te laten zijn in gebruik (Reduce).
Vanuit dit kader hebben bijvoorbeeld Blomsma et al. (2019) een eigen strategisch
raamwerk voor de (circulaire) waardeketen voor productiebedrijven gemaakt. Hun keuze
is interessant omdat deze expliciet vanuit eerdergenoemde procesbenadering lijkt te zijn
genomen: "which circular strategies may apply to which ows" (Blomsma et al., 2019: 5).
Van hieruit kunnen dan weer (hoofd)activiteiten worden onderscheiden die afhankelijk
van de specieke context weer verder kunnen worden ingevuld. Een bruikbaar rijtje met
circulaire activiteiten die bij deze gedachtegang aansluit, vinden we bijvoorbeeld ook terug
in het werk van Cristoni en Tonelli (2018). Opvallend is ook de aanpassing die Blomsma et
al. (2019: 15) in hun model doen ten aanzien van de logistieke functie: "Logistics is assigned
a separate area in the framework, to better reect that it covers all the operational process
areas". Ook hier dus wordt logistiek als iets overkoepelends in een circulair proces gezien,
maar blijft de uitwerking relatief beperkt tot het noemen van (i) integratie van 'reverse' en
'forward' logistiek, (ii) milieuvriendelijk vervoer en (iii) het minimaliseren, hergebruiken en
recyclen van verpakkingsmateriaal.
Bedrijven bestaan bij gratie van de waarde die ze voor hun doelgroep toevoegen, maar ook
de mate waarin ze weten deze waarde vanuit een verdienmodel te gelde te maken. Een
strategisch raamwerk voor een circulaire waardeketen dient dan ook bedrijven te helpen
in dit kader relevante bijdragen te identiceren, zoals verbeterde eciëntie, ondersteuning
van optimaal gebruik tijdens de gebruiksfase en mogelijkheden voor waardeherstel, wat
resulteert in nanciële en/of niet-nanciële voordelen binnen of buiten het bedrijf (Circle
Economy (2016), zoals aangehaald door Blomsma et al. 2019: 6). Dit brengt ons ook bij de
denitie van een circulair bedrijfsmodel. Ook hiervan zijn er in de literatuur veel te vinden,
71
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
maar behoorlijk omvattend lijkt die van Nußholz (2017: 12) te zijn: "A circular business
model is how a company creates, captures, and delivers value with the value creation logic
designed to improve resource eciency through contributing to extending useful life of
products and parts (e.g., through long-life design, repair and remanufacturing) and closing
material loops". Een visuele uitwerking hiervan, afgeleid van het Business Model Canvas van
Osterwalder en Pigneur (2010), vinden we terug in Figuur 2 (Nußholz, 2017: 6).
Value proposition Value captureValue creation
and delivery
Customer
segments
Product service oer
and value proposition
Customer
relationships
Key partners
Channels
Key activities Revenue streams
Key
recources
Cost structure
Circular strategy
Change in material ows
Figuur 2 Inbedding van een circulaire strategie in een bedrijfsmodel (Nußholz, 2017).
Echter, hier lijkt veel meer sprake te zijn van een geïntegreerd denken gericht op het
tegengaan van de lineaire 'verspilling' van natuurlijke grondstoen dan het uitvoeren van
afzonderlijke activiteiten vanuit een of meerdere bovengenoemde strategieën. Dit betreft
enerzijds het zo optimaal mogelijk afstemmen van de verschillende onderdelen binnen
het eigen bedrijfsmodel (zie guur 2), en anderzijds ook het zoveel mogelijk over de keten
heen kijken. Met een logistieke bril op zouden we kunnen zeggen, er is geen waardeherstel
(refurbish/remanufacture) mogelijk zonder goed georganiseerde activiteiten gericht op
reverse logistics. Lewandowsky (2016: 21) stelt in dit verband dan ook voor het Business
Model Canvas aan te vullen met een afzonderlijk onderdeel 'Take Back System'. Maar ook,
er is de noodzaak van het zo optimaal mogelijk koppelen en afstemmen van circulaire
productontwerp, gebruiksfase en verwijderingsstrategieën om het onnodig verbruik van
72
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
natuurlijke grondstoen tegen te gaan (zie ook Akkerman et al., 2019). Immers bij het
ontwerp moet er al rekening mee gehouden worden dat een product in de gebruiksfase
gerepareerd kan worden of weer een 'update' kan ondergaan. In verschillende studies (zie
bijvoorbeeld Accenture 2014, Lüdeke Freund et al. 2018) vinden we over de keten heen
verschillende archetypen circulaire bedrijfsmodellen waarmee bedrijven waarde kunnen
toevoegen, maar waarbij vanuit bovengenoemd geïntegreerd denken het niet onlogisch
is dat er meerdere archetypen bedrijfsmodellen gelijktijdig door een bedrijf worden
toegepast.
Dit brengt ons ook bij het meten van de volwassenheid van circulaire bedrijfsmodellen.
In de literatuur zijn op dit vlak verschillende bijdragen te vinden, waarbij veelal wordt
geleund op het werk van Grant en Pennypacker (2006). Vanuit een procesmanagement
gedachte loopt daarbij de volwassenheid uiteen van het niet of nauwelijks aanwezig zijn
van circulaire activiteiten tot een volledig geïntegreerd Plan-Do-Check-Act-mechanisme
om zo het circulaire bedrijfsproces zo optimaal mogelijk in te richten (zie bijvoorbeeld
Sehnem et al., 2019). Een voorbeeld hiervan speciek gericht op retourlogistiek vinden we
in een gemeenschappelijke studie van CE100, Craneld University en Deutsche Post DHL
Group (Ellen MacArthur Foundation, 2016 ). Aan de andere kant kan de overgang naar een
volledig circulair denken ook vanuit een veranderkundig perspectief worden benaderd (zie
ook Lewandowsky, 2016). Hierbij loopt de volwassenheid uiteen van 'business as usual'
tot een volledige circulaire heroverweging van het bestaande bedrijfsmodel resulterend
in radicaal nieuwe waardeproposities. Het integraal denken over circulariteit maakt dat
beide benaderingen redelijk wat overlap hebben. Op basis hiervan is in dit onderzoek een
theoretisch raamwerk ontwikkeld waarmee de volwassenheid kan worden gemeten van
een bedrijf in termen van de bijdrage die wordt geleverd aan het circulair worden van de
waardeketens waarin het bedrijf opereert.
73
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
Circulaire volwassenheid
De vijf verschillende volwassenheidsniveau’s zijn in onderstaande tabel weergegeven en
beschreven.
Tabel 1 Circulaire volwassenheidsniveaus
Niveau Bijdrage Omschrijving Benadering Toegevoegde waarde
5Ambitie om
bij te dragen
is kerncom-
petentie
Het bedrijf is een ambassa deur in alle
processen van de organisatie in aan dacht
voor bijdrage aan circulaire business-
modellen pro minent aanwezig. Het
maakt deel uit van het intelle ctuele
eigendom van d e organisatie. Het biedt
de organisatie een concurrentievoordeel.
Het raamwerk va n
continue verbetering
van het bijdra gen
aan circulariteit van
bedrijfsmodellen is
succesvol geïmple-
menteerd.
Bijdragen aan
circulaire bedrijfs-
modellen lei den
tot een hogere
winstgevendheid.
4Bijdrage is
standaard
In de hele organis atie zijn normen voor
het bijdragen aan circulaire bedrijfs-
modellen geïmplementeerd.
Er is gekozen voor een
eenduidige gemeenschap-
pelijke aanpak
3Meerdere
gecoör-
dineerde
initiatieven
Bijdragen aan het circulair maken van
het managent. H et maakt deel uit van de
meeste verb eterprojecten. Er is echter
nog steeds weinig samenhang.
Voorbeelden van best
praktijken zijn duidelijk
2Geïsoleerd e
initiatieven
Focus on contribu tion to circularity in
isolated project and initiat ives.
Verschillende tactieken
en benaderingen worden
inconsistent gebruikt
1Geen Geen of nauwelij ks aandacht voor
bijdrage aan het circulair maken van
bedrijven.
Afhankelijk van een klein
aantal individuen. Geen for-
mele struc tuur of plannen
Mislukkingen
Level 1: Geen bijdrage aan circulariteit
Binnen de organisatie is er geen aandacht voor het leveren van een bijdrage aan het
meer circulair maken van de waarde ketens. Er lopen geen projecten en aandacht voor
circulariteit maakt geen onderdeel uit van de bedrijfsstrategie.
Level 2: Geïsoleerde initiatieven
Op geïsoleerde plaatsen in de organisatie is sprake van activiteiten die een bijdrage leveren
aan het meer circulair worden van de waardeketens waarin het bedrijf actief is.
De activiteiten zijn initiatieven van individuen. Er is geen sprake van coördinatie en er wordt
gebruik gemaakt van verschillende tactieken en benaderingen.
74
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Level 3: Meerdere gecoördineerde initiatieven
Er is aandacht voor circulariteit binnen het managementteam. In toenemende mate worden
initiatieven gecoördineerd. Er is meer sprake van de ontwikkeling van een bepaalde mate
van standaard in denken en handelen. De nodige voorbeeld projecten zijn inmiddels
afgerond om de bijdrage aan het circulair maken van ketens meer zichtbaar te maken.
Level 4: Bijdrage aan circulaire waardeketens is de norm geworden
De organisatie heeft het denken en werken vanuit de bijdrage aan circulaire waardeketens
in de volle breedte omarmd. In alle lagen van de organisatie worden initiatieven van de
R-ladder geïnitieerd en vormgegeven. Het bijdragen aan circulaire waarde ketens maakt
inmiddels deel uit van de strategie van de onderneming. Het managementteam spant zich
zichtbaar in om deze strategie overal in de organisatie geborgd te krijgen.
Level 5: Ambitie om bij te dragen aan circulaire waarde ketens is kerncompetentie
De organisatie heeft zich op alle fronten dusdanig ontwikkeld op de R-ladder dat het
laten groeien van de circulariteit van de waardeketens inmiddels tot kerncompetentie is
verheven. De organisatie en haar medewerkers vervult een voorbeeldfunctie voor andere
bedrijven in en buiten de waardeketens waarin ze actief is. Ze ondersteunt anderen bij het
verder ontwikkelen van hun bijdragen aan circulariteit.
Capability set
Om nu de bijdrage aan circulariteit op de vijf genoemde dimensies meetbaar te maken,
wordt het theoretisch kader uitgebreid met een set aan capabilities. De capabilities zijn
afgeleid van de eerder genoemde R-ladder (Kishna et al., 2019). Het tweedimensionale
model dat als zodanig ontstaat is afgebeeld in tabel 2.
75
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
Tabel 2 Circulaire capability per dimensie
Capability
Dimensie
R9
Recover
R3
Recycle
R7
Repurpose
R6 Rema-
nufacture
R5
Refurbish
R4
Repair
R3
Re-use
R2
Reduse
R1
Rethink
R0
Refuse
D5 Circulari-
teit is kern -
competentie
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
D4 Bijdra ge
aan circu-
lariteit i s
standaard
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
D3 Meerdere
gecoördi-
neerde
initiatieven
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
D2
Geïsoleerde
initiatieven
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
D1 Geen
aandacht voor
circulariteit
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
circulaire
bijdrage
Elk van de genoemde 10 x 5 = 50 circularity maturity cellen vertegenwoordigt een bepaalde
relatief goed meetbare/kwanticeerbare status. De bijdrage aan circulariteit kan daarbij
op verschillende niveaus worden gemeten (zie ook Moraga et al. 2019, Linder et al. 2017).
In de literatuur vinden we in dit verband een aantal studies terug, waarbij bijvoorbeeld
vanuit een 'material ow analysis' (MFA) wordt gekeken wat de mate van circulariteit op
product- en/of bedrijfsniveau is (zie voor bespreking hiervan Linder et al., 2017). Als
voorbeelden van prestatie-indicatoren kunnen hierbij worden genoemd: het percentage
gerecyclede materialen in een product, het percentage gebruik van hernieuwbare energie,
het percentage 'herstelde' producten, etcetera, etcetera. Echter, naast de ecologische
fysieke aspecten zal in de praktijk ook rekening moeten worden gehouden met de
economische kosten en opbrengsten, dus eigenlijk de marktkant van het verhaal (zie
bijvoorbeeld Scheepens et al., 2015). Hiermee zijn we terug bij de levensvatbaarheid en
volwassenheid van circulaire bedrijfsmodellen. Echter, waar het bij Locibel ook om gaat is
proberen duiding te geven aan circulaire volwassenheid vanuit een logistiek perspectief .
Dit betekent dat we moeten proberen de verschillende cellen uit tabel 2 verder inhoud te
geven op basis waarvan een koppeling kan worden gemaakt met de uiteindelijke circulaire
prestatiedoelstellingen van bedrijven. Hiervoor zal in de komende periode een Delphi
studie worden ingezet ter validering van de genoemde dimensies en capabilities. Met een
vragenlijst gebaseerd op het theoretisch raamwerk zoals verwoord in dit artikel zullen we
daartoe het gesprek aangaan met verschillende van onze netwerkpartners.
76
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Logistiek is een product
Om in 2050 grondstoen eciënt in te zetten en te hergebruiken, zonder schadelijke
emissies naar het milieu (Nederland Circulair in 2050, 2016) zal een groot aantal organisaties
zich in de komende jaren dienen te ontwikkelen vanuit de huidige dimensie 1 of 2 naar
een dimensie 3, 4 of 5. In dit migratiepad speelt logistiek, in de meeste brede zin van het
woord, een belangrijke rol. Nu al is 70 procent van de directeuren supplychain voornemens
te investeren in de circulaire economie (Supply Chain Magazine, 2020).
Om de bijdrage van logistiek aan het meer en meer circulair worden van de waardeketens
goed te kunnen duiden, stellen we dat ook logistiek een product is. Logistiek is een product
met de verschijningsvormen die aansluiten bij de deelgebieden van de logistiek (Visser &
Van Goor, 2019), te weten:
inkooplogistiek;
productielogistiek;
distributielogistiek;
voorraadbeheer;
reverse-logistiek.
In aanvulling hierop bestaat de mogelijkheid dat in later stadium, op basis van de Delphi
validatieronden, andere deelgebieden, zoals bijvoorbeeld servicelogistiek, hieraan worden
toegevoegd.
Met logistiek als product, waarvoor mensen, materialen, materieel, geld en informatie
nodig is om het te realiseren, is ook te duiden:
a) hoe materialen nuttiger kunnen worden toegepast (R8, R9);
b) de levensduur van product en onderdelen verlengd kan worden (R3 t/m R7);
c) het product slimmer gemaakt en gebruikt kan worden (R0, R1 en R2).
Het tweedimensionale raamwerk uit tabel 2 is daarmee uit te breiden met een derde
dimensie, te weten, het logistieke deelgebied. Figuur 3 laat het driedimensionale raamwerk
rondom bijdrage aan circulariteit van de logistieke producten van een onderneming zien.
Capabilities
Dimensies
Logistieke deelgebieden
Figuur 3 Driedimensionaal raamwerk
circulariteit logistieke producten
Zonder de pretentie te hebben hierbij limitatief te zijn, is in onderstaande tabel een aantal
voorbeelden opgenomen.
77
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
Tabel 3 Bijdrage van logistiek aan circulariteit
L1
Inkooplogistiek
L2
Productielogistiek
L3
Distributielogistiek
L4
Voorraadbeheer
L5
Reservelogistiek
R0 Refus e Door zuurstofverarming
in warehouses de
noodzaa k tot installaties
van sprinklers en
daarmee potentiele
verspilling (lekken) van
water voorkomen
R1 Rethink Door inzet va n
advanced analy-
tics in toenemen-
de mate dat gaan
maken wat ook
echt nodig is
(naar 100% vraag
gestuurde
productie)
Implementeren
van slimme plan-
ningsystemen om
samenlading te
bevorderen en
daarmee het l ekken
van zuurstoftrans-
port teru g te
dringen
R2 Reduce het implemen-
teren van een
productieplan-
ning waarbij
gebruik gemaakt
wordt van
modules
Reduceren van lek-
kage van zuur stof
tijdens transp ort
door verpak king /
verschijningsvorm
goed stap elbaar te
maken (vierkante
paprika’s)
Door inzet va n advanted
analytics efficiënter
voorraadb eheer =
minder lekken van te
veel voorraad
R3 Re-us e Hergebruik van verpak-
king (omverpak king)
voor andere ar tikelen.
Verlengen van levens-
duur van verpakking
R4 Repair
R5 Refur bish
R6 Remanu-
facture
Herinrichten va n
de aanvoer-
keten met
gebruikmaking
van hubs om
zodoende aantal
ritten ter ug te
dringen
Na levering van
goederen,
transportmiddel-
en in retourrit ten
vullen met andere
goederen. Voor-
komen lege
kilometers (lek-
ken van zuurstof)
R7 Repurpose
R8 Recycle
R9 Recover Gebruik van zonnepan-
elen in warehous es
en elektrisch materieel
78
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Voor ieder van de in bovenstaande tabel genoemde mogelijkheden is in de derde dimensie
(level of maturity) een waarde te deniëren. Voor L4R3 (hergebruik verpakking) kan hierbij
bijvoorbeeld aan het volgende gedacht worden:
Tabel 4 Voorbeeld ontwikkeling bijdrage logistiek aan circulaire volwassenheid
L4R3D1 Verpakk ing wordt niet hergebruikt maar als afval afgevoerd
L4R3D2 Incidenteel, op basis van perso onlijk initiatief, worden sommige verpakkin gen hergebruikt
L4R3D3 Voor bepaalde pro ductgroepen wordt bewust gestreefd naar hergebr uik van verpakking.
L4R3D 4 Over alle pro ductgroepen heen wordt b ewust ingezet op hergebruik van verpak king waar mogelijk,
zowel binnen de eig en organisatie als in de keten.
L4R3D5 In samenwerk ing met leveranciers is allee n verpakking in gebruik di e voor 100% kan worden hergebruikt
binnen de eigen p rocessen of in de keten. Niet herbr uikbare verpakking wo rdt niet meer toegelaten.
Uit het overzicht in bovenstaande tabel wordt onverkort duidelijk wanneer een volgende
niveau van volwassenheid is bereikt.
Migratiescenario’s
Op weg naar 100% circulariteit in 2050 (Ministerie van Infrastructuur en Milieu en Ministerie
van Economische Zaken, 2016) zullen veel organisaes de ambie hebben om vanuit het
huidige niveau (level 1 of 2) te migreren naar een hoger level.
Aan de hand van op te stellen migraescenario’s wordt aangegeven welke maatregelen vanuit
logisek perspecef genomen kunnen worden om een volgend niveau te realiseren.
Dergelijke migraescenario’s sluiten aan bij de genoemde logiseke deelgebieden en de
genoemde set aan capabilies.
Vervolgonderzoek
Het theoretisch raamwerk zoals geschetst in dit artikel is de basis voor meerjarig onderzoek
om inzicht te krijgen in de bijdrage van logistiek aan het circulair maken van waardeketens.
Door middel van de Delphi-techniek zal in de komende tijd het theoretisch raamwerk
worden gevalideerd en zal tot een eerste invulling van de gepresenteerde tabellen worden
gekomen. Het is nog mogelijk om deel te nemen aan deze Delphi-groepen.
In een volgend stadium worden aan de hand van het gevalideerde raamwerk met de hulp
van studenten van verschillende hogescholen en universiteiten vragenlijsten uitgezet bij
bedrijven. De resultaten van deze vragenlijsten geven een schat aan informatie over 'best
79
Tijdschrift voor toegepaste logistiek 2020 nr. 9
practices' in relatie tot de rol van logistiek in ontwikkeling van circulariteit in waardeketens.
Analyse van deze data biedt vervolgens de mogelijkheid migratiescenario’s te profes-
sionaliseren/uit te bouwen/actueel te houden en organisaties te ondersteunen bij te
nemen maatregelen.
Ter afronding
De basis van het Locibel onderzoek - Longitudinaal Onderzoek naar relatie Circulaire
bedrijfsmodellen en Logistiek - is een tijdhorizon van 10 jaar, waarin data wordt verzameld,
geanalyseerd, tot informatie rondom migratie wordt verwerkt en wordt teruggegeven
aan deelnemende organisaties. In dit artikel hebben de auteurs het theoretisch raamwerk
geschetst en hebben ze de relatie gelegd tussen circulaire bedrijfsmodellen enerzijds, levels
of maturity anderzijds en de verschillende logistieke deelgebieden. Andermaal nodigen de
auteurs geïnteresseerden uit zich aan te melden voor het met elkaar verder vervolmaken
van het model en breed uitzetten van vragenlijsten om representatieve bruikbare data te
verzamelen.
Dit artikel is gebaseerd op onderzoek op basis van een KIEM subsidie (projectnummer KIEM.
CIE.04018)
Literatuur
Accenture (2014). Circular Advantage: Innovative Business Models and Technologies to
Create Value in a World without Limits to Growth.
Akkerman, R., Beames, A., Dijkstra, A., Faber, C., Have, C. van der, & Heideveld, A. (2019).
Logistiek in een circulaire economie.
Blomsma, F., Pieroni, M., Kravchenko, M., Pigosso, D., Hildenbrand, J., Kristinsdottir, A. R.,
Kristoersen, E., Shabazi, S., Nielsen, K. D., Jönbrink, A-K., Li, J., Wiik, C., & McAloone, T.
C.(2019).Developing a circular strategies framework for manufacturing companies
to support circular economy-oriented innovation.Journal of Cleaner Production,241,
[118271].
Circle Economy (2019). The Circularity Gap Report 2019
Cristoni, N., & Tonelli M., (2018). Perceptions of rms participating in a circular economy.
European Journal of Sustainable Development, 7(4): 105-18
Ellen MacArthur Foundation (2015). Towards a circular economy: Business rationale for an
accelerated transition.
Ellen MacArthur Foundation (2016). Waste not, want not. Capturing the value of the
circular economy through reverse logistics.
80
Bijdrage van logistiek aan ontwikkeling circulaire bedrijfsmodellen
Grant, K. & Pennypacker, J. (2006). Project management maturity: assessment of project
management capabilities among and between selected industries. IEEE Transactions
on Engineering Management, 53(1), 59-68.
Kishna, M., Rood, T., & Prins, A.G. (2019). Achtergrondrapport bij circulaire economie in
kaart. Den Haag: PBL
Lewandowski, M.(2016). Designing the Business Models for Circular Economy—Towards
the Conceptual Framework.Sustainability,8(1), 43.
Linder, M., Sarasini, S., & Loon, P. van (2017). A metric for quantifying product-level
circularity. Journal of Industrial Ecology 21 (3), 545-558
Lüdeke-Freund, F., Gold, S., & Bocken, N.(2019). A Review and Typology of Circular
Economy Business Model Patterns.Journal of Industrial Ecology,23(1), 36-61.
Ministerie van Infrastructuur en Milieu en Ministerie van Economische Zaken.
(2016).Rijksbreed programma Circulaire Economie. Geraadpleegd van https://www.
rijksoverheid.nl/onderwerpen/circulaire-economie/documenten/
Supply Chain Management. (2rapporten/2016/09/14/bijlage-1-nederland-circulair-in-2050
Moraga, G., Huysveld, S., Mathieux, F., Blengini, G.A., Alaerts, L., Van Acker, K., de
Meester, S., & Dewulf, J. (2019). Circular economy indicators: what do they measure? Resour.
Conserv. Recycl. 146, 452e461.
Nußholz, J. L. K. (2017). Circular business models: dening a concept and framing an
emerging research eld. Sustainability, 9(10).
Olthaar, M., Kral, E., & Lunenborg, B. (2017). Grondstoekken in Emmen - Een eerste
diagnose en ontwikkelagenda. Mimeo.
Osterwalder, A. & Pigneur Y. (2010). Business Model Generation, A Handbook for Visionaries,
Game Changers and Challengers. Wiley.
Potting, J., Hekkert, M.P., Worrell, E., & Hanemaaijer, A. (2017). Circular Economy: Measuring
Innovation in the Product Chain. The Hague: PBL
Scheepens, A. E., Vogtlander J.G., & Brezet J.C. (2016). Two life cycle assessment (LCA) based
methods to analyse and design complex (regional) circular economy systems. Case:
Making water tourism more sustainable. Journal of Cleaner Production 114: 257– 268
Sehnem, S.,Campos, L.M.S.,Julkovski, D.J.&Cazella, C.F.(2019). Circular business models:
level of maturity.Management Decision, 57 (4), 1043-1066.
Supply Chain Magazine. (2020, 4 maart). 70 procent supplychain-directeuren gaat
investeren in circulaire economie. Geraadpleegd op www.supplychainmagazine.nl/70-
procent-supply-chain-directeuren-gaat-investeren-in-circulaire-economie/
Van‘t Klooster, E., Koopmans, C., & Leuthold, S. (2020). Nieuwe Economie Index. Amsterdam:
SEO.
Visser, H.M. & Goor, A.R. van (2019). Werken met logistiek, supplychain management.
Groningen: Wolters-Noordho.
81
ResearchGate has not been able to resolve any citations for this publication.
Full-text available
Article
This paper puts forward the Circular Strategies Scanner: a framework that introduces a taxonomy of circular strategies developed for use by manufacturing companies engaging in circular economy (CE) oriented innovation. Currently, a range of frameworks exists that propose a vision for how to operate in a CE, by identifying and organising relevant circular strategies. However, these frameworks have a limited applicability for specific business types, in particular manufacturing, and are unsuitable for use in CE oriented innovation, due to a lacking ability to support innovation processes through: 1) creating a comprehensive understanding of circular strategies, 2) mapping strategies currently applied and 3) finding opportunities for improved circularity across a range of business processes. This paper addresses these shortcomings by proposing a circular strategies framework for the manufacturing context, titled the Circular Strategies Scanner, which provides a comprehensive set of definitions of circular strategies and directly supports the early stages of CE oriented innovation. With this, the paper contributes to the body of work that develops CE transition methodology.
Full-text available
Article
Circular Economy (CE) is a growing topic, especially in the European Union, that promotes the responsible and cyclical use of resources possibly contributing to sustainable development. CE is an umbrella concept incorporating different meanings. Despite the unclear concept, CE is turned into defined action plans supported by specific indicators. To understand what indicators used in CE measure specifically, we propose a classification framework to categorise indicators according to reasoning on what (CE strategies) and how (measurement scope). Despite different types, CE strategies can be grouped according to their attempt to preserve functions, products, components, materials, or embodied energy; additionally, indicators can measure the linear economy as a reference scenario. The measurement scope shows how indicators account for technological cycles with or without a Life Cycle Thinking (LCT) approach; or their effects on environmental, social, or economic dimensions. To illustrate the classification framework, we selected quantitative micro scale indicators from literature and macro scale indicators from the European Union ‘CE monitoring framework’. The framework illustration shows that most of the indicators focus on the preservation of materials, with strategies such as recycling. However, micro scale indicators can also focus on other CE strategies considering LCT approach, while the European indicators mostly account for materials often without taking LCT into account. Furthermore, none of the available indicators can assess the preservation of functions instead of products, with strategies such as sharing platforms, schemes for product redundancy, or multifunctionality. Finally, the framework illustration suggests that a set of indicators should be used to assess CE instead of a single indicator.
Full-text available
Article
Circular Economy (CE) is today a major concept within the sustainability debate (Geissdoerfer, Savageta, Bocken & Hultinkb, 2017). Its theoretical arguments are widely accepted-especially at a crosscountry institutional level-but businesses still seem reluctant to acknowledge it as a revenue-making paradigm. This ongoing study aims to reveal where, along the value chain, firms are more unaware of CE best practice and/or reluctant to invest. After a comprehensive review of sustainable business models, the authors suggest a framework for circularity in business strategy as a beginning foothold on their research agenda. Next, the authors rely on expert informants to identify the most suitable areas in the value chain for the implementation of CE actions. Finally, an online free-access survey-like tool is launched to invite firms self-assessing (1) how relevant those identified areas are for their respective industries and (2) how CE-mature they feel regarding those areas. The initial results attest low consciousness of the CE potential across industries and even lower levels of maturity, especially by SMEs. Despite the growing evidence of Sustained Competitive Advantage (SCA) achieved by pioneering companies moving away from linear forms of production, through the development of new core competencies (Prahalad & Hamel 1990), most firms still perceive CE as something not applicable to them or too costly and risky to implement.
Full-text available
Article
To aid companies in transitioning towards a circular economy and adopting strategies such as reuse, repair, and remanufacturing, the concept of circular business models has been developed. Although the concept draws on contributions from various academic disciplines, and despite its increasingly frequent use, few scholars clearly define what a circular business model is. Understanding about what makes a business model circular is diverse, hampering the theoretical development and practical application of circular business models. This study aims to help frame the field of circular business model research, by clarifying the fundamentals of the concept from the perspectives of resource efficiency and business model innovation. Expanding on these findings, a review of how the concept is used in recent academic literature is provided. It shows that a coherent view is lacking on which resource efficiency strategies classify a business model as circular. This study clarifies which resource efficiency strategies can be deemed as relevant key strategies for circular business models, and suggests a new definition of the concept. With the definition grounded in analysis of the fundamentals in terms of resource efficiency and business models, the study contributes to theoretical advancement and effective implementation of circular business models.
Full-text available
Article
Circularity metrics are useful for empirically assessing the effects of a circular economy in terms of profitability, job creation, and environmental impacts. At present, however, there is no standardized method for measuring the circularity of products. We start by reviewing existing product-level metrics in terms of validity and reliability, taking note of theoretically justified principles for aggregating different types of material flows and cycles into a single value. We then argue that the economic value of product parts may constitute a useful basis for such aggregation; describe a set of principles for using economic value as a basis for measuring product circularity; and outline a metric that utilizes this approach. Our recommendation is to use the ratio of recirculated economic value to total product value as a circularity metric, using value chain costs as an estimator. In order to protect value chain actors’ sensitive financial data and facilitate neutrality regarding outsourcing or insourcing, we suggest a means to calculate product-level circularity based on sequential approximations of adding one product part and activity at a time. We conclude by suggesting potential avenues for further research, including ways in which the proposed metric can be used in wider assessments of the circular economy, and ways in which it may be further refined.
Full-text available
Article
Switching from the current linear model of economy to a circular one has recently attracted increased attention from major global companies e.g., Google, Unilever, Renault, and policymakers attending the World Economic Forum. The reasons for this are the huge financial, social and environmental benefits. However, the global shift from one model of economy to another also concerns smaller companies on a micro-level. Thus, comprehensive knowledge on designing circular business models is needed to stimulate and foster implementation of the circular economy. Existing business models for the circular economy have limited transferability and there is no comprehensive framework supporting every kind of company in designing a circular business model. This study employs a literature review to identify and classify the circular economy characteristics according to a business model structure. The investigation in the eight sub-domains of research on circular business models was used to redefine the components of the business model canvas in the context of the circular economy. Two new components-the take-back system and adoption factors-have been identified, thereby leading to the conceptualization of an extended framework for the circular business model canvas. Additionally, the triple fit challenge has been recognized as an enabler of the transition towards a circular business model. Some directions for further research have been outlined, as well.
Full-text available
Article
The project management community is actively demonstrating substantial interest in the development of viable methods to assess and improve project management maturity. This interest also underscores the important need to assess project management maturity among industries to provide many organizations a means to benchmark their maturity relative to others. This research provides a snapshot of the current level of project management maturity-among industries based on 42 detailed components of maturity. A survey of 126 organizations reveals the median level of project management maturity is level 2 out of 5 with respect to 36 of the 42 components analyzed. Additionally, this research compares project management maturity between four major industries: professional, scientific and technical services; information; finance and insurance; and manufacturing. We conclude that with few exceptions, there is not a significant difference in project management maturity between industries. These results establish a baseline to support organizational assessments of project management maturity at a component level of analysis. Additionally, these results will support future longitudinal research to monitor the evolution of project management maturity.
Article
Purpose The purpose of this paper is to analyze circular business models of Brazilian companies. Design/methodology/approach The authors analyzed 105 business models of adopting companies from the perspective of the circularity of resources. These were classified as analytical sector category, business model design aligned with sustainability, sustainable practices adopted, level of maturity of business models and determinants of the circularity of resources. Findings The results show that companies belonging to the service sector predominate, which, above all, offer the virtualization of processes, sharing, ecological products, socially responsible and emphasis on recycling. Of these, 92.38 percent were already aligned with the sustainability assumptions, which contribute decisively to the operationalization in a circular perspective. Therefore, the materialization of the circular economy (CE) in Brazil is occurring, although there is potential for a stronger engagement with the determinants of the CE, especially in the perspective of the biological cycle and in the short cycles of technical levels. Originality/value In addition, the authors promote advances in the maturity levels of business models to optimize the optimal level, where processes are predictable, critically analyzed and continuously improved.
Article
The circular economy requires companies to rethink their supply chains and business models. Several frameworks found in the academic and practitioner literature propose circular economy business models (CEBMs) to redefine how companies create value while adhering to circular economy principles. A review of these frameworks shows that some models are frequently discussed, some are framework-specific, and some use a different wording to refer to similar CEBMs, pointing to the need to consolidate the current state of the art. We conduct a morphological analysis of 26 current CEBMs from the literature, which includes defining their major business model dimensions and identifying the specific characteristics of these dimensions. Based on this analysis, we identify a broad range of business model design options and propose six major CEBM patterns with the potential to support the closing of resource flows: repair and maintenance, reuse and redistribution, refurbishment and remanufacturing, recycling, cascading and repurposing, and organic feedstock business model patterns. We also discuss different design strategies to support the development of these CEBMs.