ArticlePDF Available

De klemtoon op muziek in therapie

Article

De klemtoon op muziek in therapie

Abstract and Figures

Muziek kan troosten, maakt vrolijk, ontspant, motiveert en samen muziek maken kan het vormen en onderhouden van sociale relaties vergemakkelijken. Het is dus niet vreemd dat muziek al lange tijd wordt ingezet bij mensen met psychische of cognitieve problemen. Maar hoe werkt dat? En heeft de inzet van muziek wel eff ect? Susan van Hooren en haar collega's gaan in op deze vragen met behulp van actuele wetenschappelijke kennis. de psycholoog / april 2014 10 Muziek kan troosten, maakt vrolijk, ontspant, motiveert en samen
No caption available
… 
Content may be subject to copyright.
FOtO: sHuttertOCK
DE PSYCHOLOOG / APRIL 

Muziek kan troosten, maakt vrolijk,
ontspant, motiveert en samen
muziek maken kan het vormen en
onderhouden van sociale relaties
vergemakkelijken. Het is dus niet
vreemd dat muziek al lange tijd wordt
ingezet bij mensen met psychische of
cognitieve problemen. Maar hoe werkt
dat? En heeft de inzet van muziek
wel eff ect? Susan van Hooren en haar
collega’s gaan in op deze vragen met
behulp van actuele wetenschappelijke
kennis.
DE PSYCHOLOOG / APRIL 

Muziek kan troosten, maakt vrolijk,
ontspant, motiveert en samen
De Psycholoog
is nu ook via de -app
te raadplegen. Download
de -app gratis via de
App Store of Play Store
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE
SUSAN VAN HOOREN, ANNEMIEK VINK,
KATHINKA POISMANS, MONIQUE VAN BRUGGENRUFI
EN LAURIEN HAKVOORT


Muziek heeft de potentie om onze emoties te beïnvloeden
(Juslin, 2009). Het luisteren naar muziek leidt tot verande-
ringen in hersengebieden die te maken hebben met het
verwerken van emoties. Dat geldt voor muziek die we als
emotioneel ervaren, maar ook voor muziek die we voor de
eerste keer beluisteren (Blood & Zatorre, 2001; Brown, 2004).
Al vóór het moment dat iemand zich bewust wordt van
muziek, kan muziek leiden tot het stimuleren van het
emotionele brein. Naast de invloed van muziek op emoties,
kan muziek maken of luisteren naar muziek de sociale
interactie bevorderen (Schafer et al., 2013). Hoe sterker
muziek ons raakt, des te meer we geneigd zijn om sociale
relaties te versterken (Loersch & Arbuckle, 2013). Tot slot
heeft muziek een motiverende en faciliterende werking.
Denk aan sporters die muziek gebruiken om gemotiveerd te
blijven tijdens hun training (Laukka & Quick, 2013). De
faciliterende uitwerking van muziek wordt zichtbaar bij het
aanleren van nieuw gedrag of het ophalen van oude herinne-
ringen. Al deze eecten van muziek zijn niet typerend voor
onze westerse cultuur of deze tijd, maar blijken universeel te
zijn. Door de invloed van muziek op emoties, het stimuleren
van sociale interactie en de motiverende en faciliterende
werking, kan muziek een laagdrempelig middel bieden om
in te zetten bij de behandeling van cliënten met psychische
problemen.
Het is dus niet vreemd dat muziektherapie al jarenlang
wordt toegepast om psychische problemen te verminderen.
Muziektherapie wordt zowel intramuraal als extramuraal
ingezet, in groepsverband en individueel, binnen de ggz,
speciaal onderwijs, gehandicaptenzorg, justitiële instellin-
gen, verpleeg- en verzorgingshuizen en welzijnsinstellingen.
Er wordt telkens op een methodische wijze muziek ingezet
om te komen tot muzikale interactie en communicatie,
waarbij non-verbale en ervaringsgerichte technieken voorop
staan. Verbale interventies zijn binnen muziektherapie
ondersteunend en worden onder andere toegepast om de
cliënt te laten reflecteren op zijn gedrag en gevoelens tijdens
de sessie en dit te relateren aan situaties in het dagelijks
leven. Ten opzichte van verbale psychotherapie biedt
muziektherapie een alternatieve manier om cliënten hun
gevoelens te laten uiten of te leren reguleren. Ook wordt
muziektherapie ingezet om sociaal communicatieve
vaardigheden te bevorderen. Daarnaast kan muziektherapie
leiden tot meer motivatie om uiteindelijk gedrag en
gevoelens te veranderen (Gold et al., 2013). Muziektherapeu-
ten zetten muziek zodanig in dat het aanleren van nieuw
gedrag gefaciliteerd wordt of oude herinneringen kunnen
worden opgehaald. Muziektherapie lijkt hierdoor bij uitstek
geschikt voor personen met verbale beperkingen, groepen
die laag begaafd zijn, cognitief achteruitgaan, sterk rationali-
seren of emotioneel labiel zijn.
Muziektherapie lijkt te resulteren in veelbelovende
eecten. Er zijn op dit gebied enkele Cochrane-reviews
uitgevoerd. Dit zijn overzichtsartikelen waarbij op systema-
tische wijze wordt gezocht naar eectstudies met kwalitatief
hoogstaande methodologie (www.cochrane.org). Via een
statistische methode worden de resultaten uit afzonderlijke
    
 
  

DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE
SUSAN VAN HOOREN E.A.

studies met elkaar vergeleken, om zo tot een algemene
conclusie te kunnen komen over de eectiviteit van een
behandeling. Geregeld wordt dit proces herhaald om zo een
actueel overzicht van de eectiviteit te realiseren.
In een aantal Cochrane-reviews werden eecten van
muziektherapie onderzocht bij mensen met dementie, een
depressieve stoornis, een psychotische stoornis, niet
aangeboren hersenletsel en kinderen met autisme (Mossler
et al., 2011; Bradt et al., 2010; Gold, Wigram, & Elefant, 2006;
Maratos et al., 2009; Vink, Bruinsma, & Scholten, 2011).
Muziektherapie blijkt positieve eecten te hebben op de
betreende psychische klachten. Het aantal studies naar de
eecten van muziektherapie binnen gerandomiseerde
studieopzetten is nog beperkt. Het advies in de Cochrane-
reviews is om meer systematisch onderzoek te verrichten.
In Nederland is nog weinig onderzoek gedaan naar muziek-
therapie. Sinds enkele jaren zijn er een landelijk lectoraat en
een professionele masteropleiding die zich richten op
praktijkgericht onderzoek naar onder andere muziekthera-
pie. Daarnaast proberen ook enkele Nederlandse promoven-
di het inzetten van muziektherapie systematisch te onder-
zoeken.
In onderstaand artikel laten we zien hoe de inzet van
muziek in therapie kan leiden tot positieve eecten op het
psychisch functioneren. Door uit te gaan van de kenmerken
van muziek laten we zien dat muziektherapie gedragsproble-
men helpt verminderen (mensen met dementie), hoe via
muziektherapie emoties gereguleerd kunnen worden, hoe
middels herhaalde ervaring gedrag eciënter kan worden
aangeleerd (daders met psychische stoornissen) en hoe de
sociale interactie kan worden bevorderd (mensen met
autisme).

De waarde van muziek voor ouderen wordt in veel verpleeg-
huizen en instellingen voor ouderenzorg goed begrepen en
er is vaak een uitgebreid muziekaanbod aanwezig binnen
bijvoorbeeld recreatieavonden en koemomenten (Geer et
al., 2010). Dat muziek ook therapeutische functies kan
hebben binnen de ouderenzorg, is minder bekend. Toch is er
steeds vaker aandacht voor de positieve werking van
muziektherapie bij mensen met dementie. Waar gedurende
het ziekteverloop de cognitieve capaciteiten steeds verder
verloren gaan, blijven muzikale vermogens behouden tot in
de laatste stadia van de ziekte (Norberg, Melin, & Asplund,
1986).
Binnen muziektherapie worden vaardigheden benut
waarover de bewoner met dementie nog wél beschikt. Door
met deze vaardigheden te werken, kunnen er positieve
eecten optreden op cognitieve functies, het zelfbeeld en de
sociale interactie. Ritme, maat en melodie zijn voor mensen
met dementie vaak belangrijke hulpmiddelen om makkelij-
ker zinnen te kunnen aanvullen, waardoor tijdens de
therapie vaak succeservaringen worden opgedaan. Daarnaast
geeft het werken met muziek voor mensen met ernstig
dementie, ondanks hun cognitieve beperkingen, toch nog de
mogelijkheid tot expressie en interactie met anderen
(Broersen et al. 2006). Muziektherapie blijkt hierdoor niet
alleen mogelijkheden te bieden voor mensen met dementie,
maar ook voor andere neuropsychiatrische beelden waarbij
sprake is van cognitieve beperkingen, zoals de ziekte van
Huntington (zie kader Casus Klaas).
Met muziektherapie kan zonder taal worden aangesloten
bij de belevingswereld van de oudere. De belangrijkste
verwijzingen voor muziektherapie binnen de ouderenzorg
zijn sociale en/of emotionele problematiek, gedragsproble-
matiek en/of passiviteit. De muziektherapeut kiest voor
actieve of receptieve werkvormen binnen het aanbieden van
de therapie. Bij de actieve vorm spelen de bewoners op
instrumenten mee met de therapeut, binnen gestructureerde
werkvormen of binnen improvisaties. Er wordt samen
gezongen of gedanst. De therapeut stemt voortdurend
muzikaal af op de stemming en het muzikale gedrag van de
bewoners. Ook wordt er geluisterd naar muziek, de recep-
tieve vorm. Dat kan muziek zijn via geluidsdragers of muziek
gespeeld of gezongen door de therapeut op basis van de
voorkeur van de bewoner(s). De belangrijkste doelen die zo
behaald worden, zijn het verminderen van de onrust en het
verhogen van het welbevinden. Een niet-farmacologische
interventie zoals muziektherapie bereikt op die manier vaak
meerdere doelen tegelijk.
Muziektherapie is een
alternatieve manier
om cliënten hun
gevoelens te laten
uiten of te leren
reguleren
 
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE

In veel studies is het eect van muziektherapie bij
mensen met dementie inmiddels beschreven, veelal gaat het
daarbij om kleinschalige studies. In een Cochrane-review
(Vink et al., 2011) zijn tien gerandomiseerde onderzoeken
geanalyseerd op de vraag of muziektherapie een bijdrage
biedt aan het verbeteren van sociale-, cognitieve- en
emotionele vaardigheden en het verminderen van probleem-
gedrag. In iedere studie zijn positieve eecten gevonden als
gevolg van een muziektherapeutische behandeling, in het
bijzonder in het verminderen van probleemgedrag. Het is
vooralsnog nog niet mogelijk om de data uit de afzonderlijke,
vergelijkbare studies te combineren, om zo een overall eect
te kunnen beschrijven van een muziektherapie-interventie
bij dementie. Met name op het gebied van het verminderen
van probleemgedrag zijn er indicatoren dat muziektherapie
een mogelijke bijdrage kan bieden.
Binnen de studies wordt muziektherapie vaak vergeleken
met een controleconditie zonder enige vorm van interventie.
De vraag is of muziektherapie ook eectiever is dan een
vergelijkbaar aanbod, waarbinnen groepscontact en
individuele aandacht worden geboden. Vink (2013) keek in
Nederland binnen een gerandomiseerde studie (n=94) naar
het eect van muziektherapie in vergelijking met activitei-
tenbegeleiding op het verminderen van agitatie en andere
gedragsproblemen bij verpleeghuisbewoners met dementie.
In zes verpleeghuizen werden bewoners betrokken die hoog
scoorden op een meetinstrument voor agitatie, namelijk de
Cohen-Mansfield Agitation Inventory (; Cohen-Mansfield &
Billig, 1986). Deze bewoners werden gerandomiseerd naar
muziektherapie of activiteitenbegeleiding. Beide interven-
ties werden twee keer in de week aangeboden, gedurende
vier maanden. Veranderingen in agitatie werden gemeten
Klaas lijdt aan de ziekte van Hunting-
ton en verkeert in het laatste stadium
van de ziekte. Hij kan zich verbaal niet
meer uiten en zit de hele dag in zijn
relaxstoel of ligt op bed. Lopen kan
hij al lang niet meer. Bij opname is er
verder, naast zijn medische en fysieke
gegevens, niet bijster veel bekend over
hem. Het enige dat we in de over-
dracht vanuit zijn vorige verpleeghuis
wel meekrijgen is de melding dat hij
behoorlijk moeilijk gedrag kan verto-
nen; zo kan hij zich agressief gedragen
naar zorgverleners en medebewoners.
Geen makkelijke man dus. En omdat
hij, inherent aan zijn ziekte, bijna niet
meer verbaal kan communiceren en
cognitief flink heeft moeten inleveren is
er nagenoeg geen leerbaarheid meer te
verwachten om een en ander beter te
structureren.
Opvallend is dat er, naast een kof-
fertje met hoognodige kleding, ook
een gitaar is meeverhuisd. Klaas heeft
in zijn gezonde leven graag gitaar
gespeeld, zo vertelt zijn dochter. Klaas
blijkt een ‘Ouwe Rocker’ te zijn. Dit
gegeven is mogelijk een ingang om in
contact te komen met Klaas.
Omdat Klaas in de maanden na
opname veel onrust en probleemge-
drag vertoont, wordt hulp van de mu-
ziektherapeut ingeroepen. Het is een
sprong in het diepe, want nogmaals,
we weten niet veel van hem. Klaas is
geboren in de jaren veertig en heeft
zijn hele leven in Den Haag gewoond.
De muziektherapeut gaat met deze
summiere gegevens aan het werk en
biedt hem (Haagse) muziek uit de jaren
zestig en zeventig aan: Golden Earring,
Tee Set, Indorock. Bingo! Klaas laat
overduidelijk merken hier open voor te
staan. Er begint voorzichtig contact te
ontstaan. Al zingend wordt er gecom-
municeerd. Klaas lijkt er enorm veel
plezier in te hebben.
Op een goede dag besluit de
muziektherapeut de eigen gitaar van
Klaas tevoorschijn te halen. Als zij de
gitaar uit de koer haalt, dwarrelt er
een briee uit de koer met daarop
gekrabbeld de titel van een gitaarstuk:
Classical Gas. Het toeval wil dat de mu-
ziektherapeute het nummer ook kent
en op de gitaar kan spelen. Al bij het ho-
ren van de eerste klanken van de gitaar,
begint Klaas te stralen, en vervolgens
te huilen. Klaas houdt hierbij zijn eigen
gitaar stevig in zijn handen. Hoewel
hij er niets meer mee kan, lijkt hij weer
even de gitarist van weleer. Het ‘patiënt
zijn’ lijkt hij even te zijn vergeten.
Vanaf dat moment kijkt Klaas nog
meer uit naar de wekelijkse muziek-
therapiesessies dan voorheen, aldus
de verzorging. Dit wordt gezien als een
positieve wending voor Klaas, die op
de afdeling in een sociaal isolement
verkeert. De muziektherapeut stelt
ook een cd samen met louter (gitaar)
muziek waar Klaas van geniet. Op
momenten dat Klaas onrustig wordt en
agressief gedrag vertoont (momenten
die overigens steeds minder vaak voor-
komen), kan hij in de rust van zijn eigen
kamer genieten van ‘zijn’ muziek.
illustratie: rene van asselt
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE
SUSAN VAN HOOREN E.A.

met een aangepaste versie van de . Veranderingen in
gedragsproblemen werden gemeten met de Neuropsychiatric
Inventory-Questionnaire (-; Cummings, et al., 1994), die
iedere twee weken gedurende de interventieperiode werd
afgenomen. Er werd aangetoond dat in beide groepen de
interventie leidde tot een vermindering van agitatie en
gedragsproblemen. Om de gedragsproblemen van bewoners
te reduceren bleek muziektherapie van grotere waarde dan
activiteitenbegeleiding.
Op basis van het beschikbare onderzoek kunnen we dus
stellen dat muziektherapie een geschikte behandelmethode
is voor het verminderen van probleemgedrag bij mensen
met dementie. Vervolgvragen voor toekomstig onderzoek
richten zich op de specifieke eecten van muziektherapie, in
relatie tot de fase van dementie. Tevens is het verdiepen in de
toepassing bij andere neuropsychiatrische aandoeningen
onderwerp van toekomstig onderzoek. Vanuit het Leids
Universitair Medisch Centrum, Atlant Zorggroep en ArtEZ
conservatorium staat een gerandomiseerd gecontroleerd
onderzoek in de startblokken, waarbij wordt nagegaan of
muziektherapie voor patiënten met de
ziekte van Huntington leidt tot verbetering
van expressieve en communicatieve vaardig-
heden en tot vermindering van probleemge-
drag.
 
Muziektherapie wordt in de westerse wereld
geregeld ingezet als behandelmethode bij
daders met psychische stoornissen, zoals
forensisch psychiatrische patiënten
(Codding, 2002). Behandeling van deze
patiënten richt zich op het verminderen van
kans op recidive en bescherming van de
maatschappij (Van Marle, 2002; Gutheil,
2004). Na uitvoerig theoretisch en empi-
risch onderzoek zijn drie factoren geformu-
leerd die door behandeling beïnvloed
moeten worden: risicofactoren, ontbrekende
vaardigheden en ontvankelijkheid (risk, need
en responsivity – -model; Andrews &
Bonta, 2010). Daarbij zijn onder andere als
hoofddoelen gedefinieerd: uitbreiding van
copingvaardig-heden, woedebeheersing en
agressieregulatie.
Een recent Cochrane-protocol definieert
de kerndoelen van muziektherapeutische
behandeling voor forensisch psychiatrische
patiënten of daders als het bevorderen van
de geestelijke gezondheid, zoals het
opbouwen van zelfvertrouwen, empathisch
vermogen en verbeteren van het zelfbeeld
(Chen et al., in review). Daarnaast kan
muziektherapie zich richten op het
minimaliseren van de kans op recidive door
het ontwikkelen van vaardigheden en
gedragsverandering (Hakvoort & Bogaerts,
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE

2013). Muziektherapie heeft daarvoor enkele unieke
kenmerken. Veel forensisch psychiatrische patiënten zijn
zeer ontvankelijk voor muziek. Doordat de muzikale
interesse is afgestemd op hun sociaal-culturele achtergrond,
wakkert dit hun verlangen naar vrijheid aan – en dat blijkt
een motiverende factor om deel te nemen aan muziekthera-
pie (Tuastad & O’Grady, 2013). Bovendien stimuleert muziek
het beloningssysteem van mensen waardoor het, indien
systematisch gebruikt, ingezet kan worden om adequaat
gedrag te bekrachtigen (Blood & Zatorre, 2001; Blum et al.,
2010; Esch & Stefano, 2004).
Zoals in de inleiding genoemd passen veel mensen
muziek toe om emoties te reguleren (bijv. Saarkallio &
Errkilä, 2007). Emoties opgeroepen door muziek lijken niet
dezelfde heftigheid te vertonen als wanneer ze in een
alledaagse situatie worden opgeroepen (Juslin et al., 2010;
Koelsch, 2005). Doordat emoties zoals woede wel ervaren
kunnen worden door de muziek maar vaak minder heftig
worden beleefd, reageert de cliënt minder sterk. Dit is
cruciaal in de forensische psychiatrie. De reactie die de
emotie oproept kan de muziektherapeut vervolgens met de
cliënt bewerken of veranderen. Heftige uitingen die
voortkomen uit emoties als woede of angst kunnen gecon-
troleerd worden benaderd, terwijl de kans dat de cliënt de
emoties uit ageert minimaal blijft. Dit vraagt een goede,
systematische werkwijze, kennis van emoties en psycho-
pathologie en vaardigheden om muziek adequaat in te zetten
bij het behandelplan van de cliënt.
Muziek kan tenslotte ook stimulerend werken in muziek-
therapie, als nieuw aangeleerd gedrag of pril ontwikkelende
vaardigheden door veel herhaling moeten inslijten. Binnen
de forensische psychiatrie is gepubliceerd over muziekthera-
pie voor training van zelfbeheersingsvaardigheden (Watson,
2002), probleemoplossend vermogen (Wyatt, 2002; Rickson
& Watkins, 2003), agressie- of woederegulatie (Fulford,
2002), vergroten van copingvaardigheden (Dijkstra &
Hakvoort, 2010; Hakvoort, 2007; Reed, 2002) of specifiek
gericht op alternatieven voor drugsgebruik (Dijkstra &
Hakvoort, 2012; Gallagher & Steele, 2002; Silverman, 2003,
2010). Patiënten moeten dan veel nieuwe vaardigheden
telkens herhalen. In de praktijk blijkt dat het oefenen in het
Muziek stimuleert
het beloningssysteem
van mensen afstemmen op een ander veel langer te herhalen is als je
samen musiceert (moet luisteren, aanpassen, initiatief
nemen, bijstellen). Door kleine variaties in muziek kun je
blijven oefenen, terwijl de opdracht niet verveelt (Hakvoort,
in review). Een bijkomend eect is dat muziek daardoor ook
sociale afstemming en samenwerking kan stimuleren
(Sänger, Müller, & Lindenberger, 2012).
Recent is in Nederland een aantal beperkte exploratieve
studies uitgevoerd naar muziektherapie bij woederegulatie
van forensisch psychiatrische patiënten binnen vier
forensisch psychiatrische klinieken (Hakvoort et al., in
review). Negen patiënten voltooiden een reguliere behande-
ling met twintig sessies gestandaardiseerde muziekthera-
peutische woedehantering. Vijf patiënten ontvingen de
reguliere behandeling met een agressiehanteringstherapie
(groepsbehandeling zonder muziek). Toewijzing aan de twee
groepen vond willekeurig plaats. De resultaten suggereren
dat bij alle deelnemers hun agressieregulatie, coping- en
woedehanteringsvaardigheden verbeterden, ongeacht of ze
muziektherapie kregen of de extra therapie zonder mu-
ziekinterventies. Deelnemers die muziektherapie kregen,
lieten een lichte vooruitgang zien in copingvaardigheden
(zoals hulp vragen, accepteren van de situatie, constructief
handelen). Vanzelfsprekend zijn deze uitkomsten niet te
veralgemeniseren, daarvoor is het aantal patiënten te
beperkt (de power bedroeg 0.53). Dit onderzoek wordt echter
ondersteund door de studie van Gold et al. (2013), die
aantoonde dat muziektherapie bij gevangenen leidde tot
positieve eecten op de geestelijke gezondheid.
Al is behandeling en onderzoek met muziektherapie
binnen de forensische psychiatrie pril, het lijkt de patiënten
te ondersteunen in hun ontwikkeling. Het is daarom aan te
bevelen binnen de forensische psychiatrie meer muziekthe-
rapeuten in te zetten. Daarbij is afstemming met andere
disciplines belangrijk. In nauwe samenwerking met
multidisciplinaire behandelstaf, kan een indicatie voor
muziektherapie opgesteld worden, gericht op de specifieke
risico factoren en ontbrekende vaardigheden van een
forensisch psychiatrische patiënt. Dit betekent wel dat
muziektherapie binnen de forensische psychiatrie zich
verder moet ontwikkelen door systematisch en methodisch
toepassen van de invloed van muziek via muzikale interven-
ties (Hakvoort, in review).

Muziektherapie is een behandelvorm die steeds meer wordt
toegepast bij autisme. Vooral daar waar het gaat om het
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE
SUSAN VAN HOOREN E.A.

bevorderen van de sociale interactie blijkt muziektherapie
eectief te zijn (Kern, 2004; Whipple, 2004; Kim, Wigram, &
Gold, 2009). Vaak speelt de cliënt actief mee tijdens de
muziektherapie. Maar zelfs als dat niet het geval is, kan
muziektherapie een passende behandelvorm zijn voor
mensen met autisme. Er is geen uitleg nodig, er is geen
fysieke nabijheid nodig en ook oogcontact is niet noodzake-
lijk om toch eerste tekenen van contact en interactie tussen
cliënt en therapeut te laten ontluiken. Het realiseren van een
goede afstemming op de cliënt is essentieel. Een zucht aan
het einde van de muzikale frase, een plotselinge blik na een
onverwachte wending in de muziek, of een heen en weer
bewegen op de maat van de muziek, het kunnen allemaal
tekenen zijn dat de cliënt de muziek waarneemt en hem in
toenemende mate aandachtig maakt voor de wereld buiten
hem.
Hoe komt het dat muziektherapie een doeltreende vorm
van therapie lijkt te zijn bij mensen met autisme? Mensen
met autisme begrijpen veel non-verbale communicatieve
systemen en verbanden (lichaamstaal, mimiek, beleefdheids-
gedrag) niet vanzelf, wat onder meer te verklaren valt uit hun
zwakke centrale coherentie (Frith, 2003). Maar melodische
en harmonische structuren in de muziek lijken ze net zo
goed en soms zelfs beter te herkennen als mensen zonder
autisme (Heaton et al., 2007; Heaton, Hermelin & Pring,
1999). Ze zijn even goed als anderen in staat te horen dat
bepaalde tonen bij elkaar horen en andere niet. Ze kunnen
aan een aantal losse tonen betekenis geven door deze te
horen binnen de tonale context. Van dit vermogen wordt
binnen de muziektherapie gebruik gemaakt. Steunend op de
herkenning en de voorspelbaarheid van muzikale structuren
kunnen andere, minder vanzelfsprekende verbanden
ervaren en geoefend worden.
Dat autisten, net als andere mensen, heel goed in staat
zijn muzikale structuren te horen, betekent niet dat hun
eigen spel net zo klinkt als dat van mensen zonder beperkin-
gen. Herhaling van melodische wendingen en ritmische
motiees kenmerken in veel gevallen het spel van kinderen
met autisme. Recent onderzoek van Poismans (2012) heeft
aangetoond dat de timing in de muzikale interactie tussen
een muziektherapeut en een kind met autisme (N=30)
significant verschilt van kinderen zonder autisme.
Bij deze studie waren drie groepen van ieder tien
kinderen betrokken: kinderen met autisme, gezonde
kinderen en kinderen met een verstandelijke beperking. Alle
kinderen hadden geen muzikaal onderwijs of muziekthera-
pie genoten. De muzikale interactie bestond uit een muzi-
kale improvisatie tussen therapeut en kind. Er werd gemeten
hoe vaak en hoe lang beat, maat en/of ritme op een van beide
of op elkaar waren afgestemd. Deze speelwijze leidt tot wat
coherente timing wordt genoemd: de spelers delen tempo,
beat, maat en ritme, en soms intentie (wanneer beiden
bijvoorbeeld samen een slot improviseren) en zelfs aect
(wanneer beiden bijvoorbeeld lachen om muzikale grapjes).
Bij kinderen met autisme komt coherente timing minder
voor. Dat geldt niet alleen binnen het muziek maken, maar
bij alle vormen van sociale interactie en zeker bij de prever-
bale interactie tussen moeder en kind (Trevarthen et al.,
2006). Doordat de timing niet goed is afgestemd, loopt
preverbale interactie, die zo essentieel is bij het ontstaan van
hechting tussen ouder en kind, bij kinderen met autisme
gevaar (Trevarthen & Daniel, 2004). Muziektherapie kan ook
daar een rol bij spelen. Gebruikmakend van voorspelbare
muzikale structuren zoals beat, maat en ritme kan niet alleen
wederkerige interactie tussen muziektherapeut en kind
maar ook die tussen ouder en kind worden gestimuleerd.
Een niet onbelangrijke aspect daarbij is dat muziektherapie,
hoewel soms trainingsgericht, ook creatief, plezierig en
speels is; daardoor komen de meeste cliënten graag naar
muziektherapie (Poismans, 2012). Het zichtbare en hoorbare
enthousiasme waarmee menig cliënt wekelijks naar de
muziektherapie komt, getuigt daarvan.

In het bovenstaande is een overzicht gegeven van de
mogelijkheden die muziektherapie biedt en ingegaan op de
vraag waarom de inzet van muziek behulpzaam kan zijn bij
het reduceren van psychische problemen. Vanwege de
specifieke kenmerken van muziek is ingezoomd op drie
doelgroepen waar muziek bruikbaar kan zijn: mensen met
dementie, daders met psychische stoornissen en mensen
met een autismespectrumstoornis.
Bij mensen met dementie kan muziektherapie expressie
en interactie met anderen bevorderen en gemakkelijk leiden
tot succeservaringen doordat vaardigheden en geheugen-
sporen worden aangesproken waarover de persoon nog wel
Muziek maken of
luisteren naar muziek
kan sociale interactie
bevorderen
Literatuur
Literatuur
Literatuur
Literatuur
e
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE

beschikt. Dit leidt tot reductie van probleemgedrag bij deze
doelgroep.
Bij daders met psychische stoornissen kan muziek hun
verlangen naar vrijheid aanwakkeren en daardoor sterk
motiveren. Via muziektherapie kan bij deze doelgroep een
andere ingang worden gevonden om laagdrempelig emoties
te reguleren en de ontwikkeling van nieuwe vaardigheden te
stimuleren. Dit leidt tot positieve e ecten op hun geestelijke
gezondheid.
Bij kinderen met autismespectrumstoornissen biedt
muziektherapie de mogelijkheid om sociale interactie te
bevorderen door zich te baseren op de voorspelbaarheid van
muzikale structuren.
Het onderzoek op het gebied van muziektherapie is nog jong,
maar de tot nu toe aangetoonde e ecten zijn gunstig. Ook
wordt steeds duidelijker hoe muziek e ectief kan zijn.
Vanuit de neurowetenschappen wordt steeds meer onder-
bouwing gevonden voor werkingsmechanismen (Juslin,
2009; Blood & Zatorre, 2001; Brown, 2004) . Een en ander
biedt een basis om nader onderzoek te doen naar de inzet
van muziek binnen therapie en theoretische modellen
verder te toetsen met empirisch onderzoek.
  
Dr. Susan van Hooren is psycholoog-seksuoloog en als lector van het
lectoraat Kennisontwikkeling Vaktherapieën (KenVaK) verbonden
aan Zuyd Hogeschool. Daarnaast is ze als universitair docent
Klinische Psychologie werkzaam bij de Open Universiteit. Dr.
Annemiek Vink is psycholoog en als docent T heorie Muziektherapie
werkzaam bij ArtEZ Conservatorium. Verder is ze als docent
verbonden aan de Master of Arts Therapies en is ze onderzoeker bij
het Lectoraat Kennisontwikkeling Vaktherapieën, ArtEZ Conserva-
torium Enschede, e-mail: A.Vink@Artez.nl. Dr. Kathinka Poismans
is musicus en muziektherapeut. Ze is als onderzoeker en docent
Muziektherapie verbonden aan het lectoraat Kennisontwikkeling
Vaktherapieën en Zuyd Hogeschool, e-mail: kathinka.poismans@
zuyd.nl. Monique van Bruggen-Rufi (MA) doet promotieonderzoek
en is verbonden aan het LLUMC Leiden. Zij werkt tevens als docente,
onderzoeker en muziektherapeute aan het ArtEZ conservatorium te
Enschede. Daarnaast is zij onderzoeker bij Atlant Zorggroep, e-mail:
M.vanBruggen-Rufi @ArtEZ.nl. Laurien Hakvoort (MA) is als
onderzoeker en docent muziektherapie werkzaam bij ArtEZ
Conservatorium, e-mail: L.Hakvoort@ArtEZ.nl. Correspondentie
aangaande dit artikel via Susan van Hooren, Zuyd Hogeschool,
Postbus 550, 6400 AN Heerlen, e-mail: susan.vanhooren@zuyd.nl.
Andrews, D.A. & Bonta, J. (2010). The psychology of criminal conduct (5th Edi-
tion; 1994, 1st Edition). NJ: New Providence: Matthew Bender & Company.
Blood, A. J. & Zatorre, R. J. (2001). Intensely pleasurable responses to
music correlate with activity in brain regions implicated in reward
and emotion. Proceedings of the National Academy of Sciences of the United
States of America, 98(20), 11818–11823.
Blum, K., Chen, T.J. H., Chen, A.L. H., Madigan, M., Downs, B.W. et al.
(2010). Do dopaminergic gene polymorphisms a ect mesolimbic
reward activation of music listening response? Therapeutic impact on
Reward Defi ciency Syndrome (RDS). Medical Hypotheses, 74, 513–520.
Broersen, M; Straaten, G. van; Akse, M.; Cruysen, C van der; Hest, I van
de & Vink, A. (2006). Ouderenpsychiatrie en psychogeriatrie. In H.
Smeijsters (Ed.) Handboek muziektherapie (pp. 340-359). Houten: Bohn,
Stafl eu en van Loghum.
Bradt, J., Magee, W. L., Dileo, C., Wheeler, B. L. & McGilloway, E. (2010).
Music therapy for acquired brain injury. In: The Cochrane Library, Chich-
ester, UK: John Wiley & Sons, Ltd. doi: 10.1002/14651858.CD006787.
pub2
Brown, S., Martinez, M. J., & Parsons, L. M. (2004). Passive music listen-
ing spontaneously engages limbic and paralimbic systems. NeuroRe-
port, 15(13), 2033-2037.
Chen, X., Leith, H., Aarø, L. E., Manger, T.T. & Gold, C. (in review). Music
therapy for improving mental health in o enders (protocol). The
Cochrane Library, 2013, 4.
Codding, P.A. (2002). A comprehensive survey of music therapists prac-
ticing in correctional psychiatry. Music Therapy Perspectives, 20 (2), 56-68.
Cohen-Mansfi eld, J. & Billig, N. (1986). Agitated behaviors in the elderly:
A conceptual review. Journal of the American Geriatrics Society, 34(10),
711-721.
Cummings, J., Mega, M., Gray, K., Rosenberg-Thompson, S., Carusi, D.
A. & Gornbein, J. (1994). The Neuropsychiatric Inventory: Compre-
hensive assessment of psychopathology in dementia. Neurology, 44,
2308-2314.
Dijkstra, I. & Hakvoort, L. (2010). ‘How to Deal Music?’ Music Therapy with
Clients Suff ering from Addiction Problems: Enhancing Coping Strategies (p.
88-102). In: Aldridge D., & Fachner, J. (Eds.). Music Therapy and Addiction.
London: Jessica Kingsley Publishers
Dijkstra, I. & Hakvoort, L. (2012). Muziektherapie en verslavingszorg;
Een neurologische benadering. Tijdschrift voor Vaktherapie, 8(3), 3-12.
Esch, T. & Stefano, G.B. (2004). The neurobiology of pleasure, reward
processes, addiction and their health implications. Neuroendocrinology
Letters, 25(4), 235–251
Frith, U. (2003). Autisme. Verklaringen van het raadsel. Gent: Uitgeverij EPO.
Fulford, M. (2002). Overview of a music therapy program at a maximum
security unit of a state psychiatric facility. Music Therapy Perspectives,
20(2), 112-116.
Gallagher, L.M. & Steele, A. L. (2002). Music therapy with o enders in
a substance abuse/mental illness treatment program. Music Therapy
Perspectives, 20(2), 117-122.
Geer, E.R., van der; Vink A .C.; Schols, J.M.G. A. & Slaets, J.P.J. (2009). Mu-
sic in the nursing home: hitting the right note! The provision of music
to dementia patients with verbal and vocal agitation in Dutch nursing
homes. International Psychogeriatrics, 21, 86-93.
Gold, C., Wigram, T. & Elefant, C. (2006). Music therapy for autistic
spectrum disorder. In: The Cochrane Library, Chichester, UK: John Wiley
& Sons, Ltd. doi: 10.1002/14651858.CD004381.pub2
Gold, C., Mossler, K., Grocke, D., Heldal, T. O., Tjemsland, L., et al. (2013).
Individual music therapy for mental health care clients with low ther-
apy motivation: multicentre randomised controlled trial. Psychotherapy
and Psychsomatics, 82(5), 319-331. doi: 10.1159/000348452
Gold, C., Assmus, J., Hjørnevik, K., Qvale, L. G., Brown, F. K. et al. (2013).
Music therapy of prisoners: Pilot randomised controlled trial and
implications for evaluating psychosocial interventions. International
Journal of Aff ender Therapy and Comparative Crimonology, 57(9). doi:
10.1177/0306624X13498693
Literatuur
Literatuur
Literatuur
Literatuur
Summary
Summary
Summary
Summary
DE PSYCHOLOOG / APRIL 
DE KLEMTOON OP MUZIEK IN THERAPIE
SUSAN VAN HOOREN E.A.

Gutheil, T.G. (2004). Forensic Psychiatry as a Specialty. Psychiatric Times,
21(7), 1-4.
Hakvoort, L. (2007). Muziektherapie en Coping; scorelijstontwikkeling in
de forensische psychiatrie. Tijdschrift voor Vaktherapie, 3(3),11-18.
Hakvoort, L. (2014). Cognitive-behavioral music therapy in forensic psychiatry.
Dissertation, Tilburg University.
Hakvoort, L. & Bogaerts, S. (2013). Theoretical foundations and workable
assumptions for cognitive behavioral music therapy in forensic psychia-
try. The Arts in Psychotherapy, 40(1), 192-200.
Hakvoort, L., Bogaerts, S. Thaut, M. & Spreen, M. (2014). The positive
infl uence of music therapy on coping skills and anger management in
forensic psychiatric patients: An exploratory multi-center study: The
International Journal of Off ender Therapy and Comparative Criminology.
Heaton, P., Hermelin, B. & Pring, L. (1999). Can children with autistic spec-
trum disorder perceive a ect in music? An experimental investigation.
Psychological Medicine, 29, 1405-1410.
Heaton, P., Williams, K., Cummins, O. & Happé, F. G. (2007). Beyond
perception: musical representation and on-line processing in autism.
Journal of Autism and Developmental Disorders, 1355- 1360.
Juslin, P. N. (2009). Emotional responses to music. In S. Hallam, I. Cross,
& M. Thaut (Eds.). The Oxford handbook of music psychology (pp. 131-140).
Oxford: Oxford University Press.
Juslin, P. N., Liljeström, S., Väst äll, D. & Lundqvist, L. O. (2010). How does
music evoke emotions? Exploring the underlying mechanisms. In: Juslin,
P.N., & Sloboda, J. (Eds.). Handbook of Music and Emotions; Theory, Research,
Applications, (pp. 605-642). Oxford; University Press.
Kern, P. (2004). Making friends in music: including children with autism
in an interactive play setting. Music Therapy Today, 4(1). 1-43.
Kim, J., Wigram, T. & Gold, C. (2009). Emotional, motivational and inter-
personal responsiveness of children with autism in improvisational
music therapy. Autism, 13(4), 389-409.
Koelsch, S. (2005). Investigating emotions with music; Neuroscientifi c ap-
proaches. Annals of the New York Academy of Science, 1060, 412-418.
Laukka, P. & Quick, L. (2013). Emotional and motivational uses of music in
sports and exercise: A questionnaire study among athletes. Psychology of
music, 41(2), 198-215. doi: 10.1177/0305735611422507
Loersch, C. & Arbuckle, N. L. (2013). Unraveling the mystery of music: Mu-
sic as an evolved group process. Journal of Personality and Social Psychology,
Advanced online publication. doi: 10.1037/a0033691
Maratos, A., Gold, C., Wang, X. & Crawford, M. (2009). Music therapy for
depression. In: The Cochrane Library, Chichester, UK: John Wiley & Sons,
Ltd. doi: 10.1002/14651858.CD004517.pub2
Mossler, K., Chen, X., Heldal, T. O. & Gold, C. (2011). Music therapy for peo-
ple with schizophrenia and schizophrenia-like disorders. In: The Cochrane
Library, Chichester, UK: John Wiley & Sons, Ltd. doi: 10.1002/14651858.
CD004025/pub3
Norberg, A., Melin, E., & Asplund, K. (1986). Reactions to music, touch and
object presentation in the fi nal stage of dementia. An exploratory study.
International Journal of Nuring Studies, 23(4), 315-323
Poismans, K. (2012). Shared Time. De ontwikkeling van een instrument voor het
meten van timing in de muziektherapie met autistische kinderen. Geraad-
pleegd op http://kenvak.hszuyd.nl/fi les/Proefschrift.pdf.
Reed, K. J (2002). Music therapy treatment groups for mentally disordered
o enders (MDO) in a state hospital setting. Music Therapy Perspectives,
20(2), 98-104.
Rickson, D.J. & Watkins, W.G. (2003). Music to promote pro-social behav-
iors in aggressive adolescent boys; a pilot study. Journal of Music Therapy,
40(4), 283-301.
Sänger, J., Müller, V. & Lindenberger, U. (2012). Intra- and interbrain
synchronization and network properties when playing guitar in duets.
Frontiers in Human Neuroscience, 6, 312.
Schafer, T., Sedlmeier, P., Stadtler, C. & Huron, D. (2013). The psychological
functions of music listening. Frontiers in Psychology, 4, 511, doi: 10.3389/
fpsyg.2013.00511
Silverman, M.J. (2003). Music therapy and clients who are chemically
dependent: A review of literature and pilot study. Arts in Psychotherapy, 30,
273-281.
Silverman, M.J. (2010). The e ect of a lyric analysis intervention on with-
drawal symptoms and locus of control in patients on a detoxifi cation
unit: A randomized e ectiveness study. Arts in Psychotherapy, 37, 197–201
Trevarthen, C. & Daniel, S. (2004). Rhythm and Synchrony in Early Devel-
opment and Signs of Autism and Rett Syndrome in Infancy. Brain and
development, 27, Zusatz 1, S. 25-34.
Trevarthen, C., Aitken, K. J., Vanderkerckhove, M., Delafi eld-Butt, J. & Nagy,
E. (2006). Collaborative regulations of vitality in early childhood: Stress
in intimate relationships and postnatal psychopathology. In D. Cicchetti,
& D. J. Cohen, Developmental Psychopathology, Developmental Neuroscience
(pp. 65-126). New York: Wileys.
Tuastad, L. & O’Grady, L. (2013). Music therapy inside and outside prison –
A freedom practice. Nordic journal of music therapy, doi:10.1080/08098131
.2012.752760.
Van Marle, H.J. C. (2002). The Dutch Entrustment Act (TBS): Its principles
and innovations. International Journal of Forensic Mental Health, 1, 83-92.
Vink, A. C., Bruinsma, M.S. & Scholten, R.J. S. (2011). Music therapy for
people with dementia (updated Cochrane Review). In: The Cochrane
Library, Chichester, UK: John Wiley & Sons, Ltd.
Vink, A. C. (2013). Music therapy for dementia: The eff ect of music therapy in
reducing behavioural problems in elderly people with dementia. Proefschrift,
Rijksuniversiteit Groningen (http://dissertations.ub.rug.nl/faculties/
medicine/2013/a.c.vink/).
Whipple, J. (2004). Music in intervention for children and adolescents
with autism: a meta analyses. Journal of music therapy, 90-106.
Wyatt, J.G. (2002) Clinical resources for music therapy with juvenile of-
fenders. Music Therapy Perspectives, 20, 105-111.
THE EMPHASIS ON MUSIC IN THERAPY
S. VAN HOOREN, A. VINK, K. POISMANS, M. VAN BRUGGEN-
RUFI, L. HAKVOORT
Music and playing music can infl uence our emotions, social functi-
oning and motivational processes. Music therapy is used to regulate
emotional expressions, promote social functioning, stimulate
learning processes and increase motivation. Scientifi c research on
the e ects of music therapy is scarce, but received more attention in
the last two decades. Studies has shown that music therapy has the
potential to decrease behavioural problems in dementia, positively
infl uence coping skills among forensic psychiatric patients, and
improve social interactions in children with autism. The application
of music in therapy is promising to help specifi c people with mental
problems more su ciently to express their emotions, be motivated
to other forms of therapy, and to connect to their social environment.
Jubileusympsiu
Jubileusympsiu
25 jaar Archief en Documentatiecentrum Nederlandse Gedragswetenschappen
De betekenis van geschiedenis voor de gedragswetenschappen in theorie en praktijk.
ee me zonde gschieden
ee me zonde gschieden
ee me zonde gschieden
13.00u Inloop
13.30u Welkom
voorzitter bestuur ADNG
13.45u Archief en Geheugen
Prof. Dr. Douwe Draaisma,
hoogleraar geschiedenis van
de psychologie, Rijksuniversiteit
Groningen.
14.30u De historiciteit van de
gedragswetenschappen
Willem Koops, emeritus hoog-
leraar ontwikkelingspsychologie,
Universiteit Utrecht.
15.00u Pauze
15.30u Consequenties van de
invoering van de Jeugdwet
Micha de Winter, hoogleraar
pedagogiek, Universiteit Utrecht.
16.15u ADNG oral history project
Vittorio Busato, Jacques Dane
en Ernst Boskamp
16.45u Borrel
Tijd vrijdag 23 mei 2014.
Plaats Universiteitsmuseum Universiteit Utrecht,
Lange Nieuwstraat 106, Utrecht
Inschrijven >> i.van.der.bij@rug.nl.
Werken in de verslavingszorg?
KLINISCH PSYCHOLOOG
GEZOCHT
VNN is op zoek naar professionals met passie voor hun vak en
passie voor onze cliënten. Hoofdbehandelaren die zich inzetten voor
onze cliënten, maar niet de verantwoordelijkheid van hen overnemen
maar cliënten durven te confronteren met hun gedrag en keuzes.
Onze professionals dragen hun steentje bij om de organisatie en
behandeling kwalitatief steeds te verbeteren.
Kijk voor meer informatie op www.vnn.nl/jobs of LinkedIn
VNN biedt gespecialiseerde
verslavingszorg aan mensen die
door alcohol, drugs, gokken of
gamen in (ernstige) problemen
zijn geraakt.
De_Psycholoog_176x124.indd 1 12-03-14 11:00
Article
De één ervaart stilte in het hospice als een weldaad, de ander als beklemmend. De cliënt van kamer één wordt nerveus van muziek, maar zijn vrouw wordt er rustig van. Als mensen vragen om een cd’tje met muziek om de stilte te verbreken, welke cd’s heeft een verzorgende dan te bieden? Wanneer is muziek in het hospice ‘goed’?
Article
Full-text available
Loeber (1990) observed that juvenile involvement in offending behavior presents a serious health problem to members of our society. Nolan (1983) suggested that the sole use of verbal therapy with offenders poses restrictions for progress. Several authors have suggested that the creative arts therapies add another dimension to the verbal treatment of offenders (Cohen, 1987; Cardstrom, 1996; Nolan, 1983; Skaggs, 1997). The purpose of this paper is to provide practicing music therapists with clinical resources in the treatment of male juvenile offenders that effectively address issues affecting this challenging population. A brief literature review includes a description of the risk and protective factors for delinquency. Clinical guidelines for working with juvenile offenders are presented, and sample music therapy interventions for both large and small groups are suggested and described in detail. Specific songs are recommended for the purpose of lyric analysis. Finally, resources are presented for locating material to be utilized in several music therapy interventions.
Article
Full-text available
A partnership between Recovery Resources and The Cleveland Music School Settlement resulted in music therapy becoming an integral component of the treatment received by clients in the Substance Abuse/Mental Illness (SA/MI) program. This paper describes a service delivery model for implementation of music therapy within this setting. The assessment process, goals, and interventions that were used will be outlined. Specific documentation and evaluation techniques will also be described.
Chapter
Veroudering is op dit moment een van de belangrijkste sociale ontwikkelingen die zich in Europa voltrekken (Van Rijn, Oosterveen & Schreuder, 2004). De afgelopen 25 jaar is het aantal ouderen in Nederland met bijna 40% toegenomen, de komende 25 jaar stijgt dit percentage naar bijna 60%. In 2015 bedraagt het aantal inwoners van 55 jaar en ouder in Nederland naar schatting 5 miljoen, dit is 30% van de totale bevolking (Knook, 2004).
Article
Credentialed music therapists who lived in the United States and practiced in correctional institutions housing inmates with severe mental illness, or in forensic settings nationwide, completed a 90-item survey concerning music therapy principles and practice in these settings. Respondents were members of the American Music Therapy Association (AMTA), were listed in the AMTA database as working in correctional/forensic psychiatry, and were practicing as music therapists in one of these settings during the Fall of 2000. Survey interests included group demographics, selected values of the music therapists as related to clinical practice, professional education and training, employment history, conditions of employment, and a description of assessment practices used in the clinical protocol. Treatment objectives specific to correctional psychiatry were identified and therapeutic uses/functions of music were described as applied to the population. A brief history of music therapy in correctional psychiatry preceded the presentation of survey methods and results.
Article
This article describes the original Music Therapy groups designed to treat Mentally Disordered Offenders at Atascadero State Hospital under the California Department of Mental Health. The treatment form utilized improvisation and singing centered on gospel music, music listening and background music activities. The goals, method of referral and reaction of the patients are described.
Article
The authors of this article have worked as music therapists in and outside prisons and have both completed qualitative studies that explore their work. Here, they present a narrative synthesis of their two studies while exploring the concept of music as a freedom practice in and outside prisons. Most of the prisoners and ex-prisoners participating in the two studies reported that music helped them to feel momentarily free from the harsh realities of both prison life and the world outside. The sense of freedom through music that was reported and analysed in the narrative synthesis is related to the dual nature of reality, through the categories of finding freedom by “escaping reality” and “entering reality.” The categories describe how, through music, prisoners find a free space in an authoritative, suppressing and institutionalized environment, and also how music activities help the prisoner in building ties to the world outside prison while connecting to personal emotions and becoming humanized in a dehumanizing setting. In both cases, the participants from the two studies performed their freedom practice using music as a technology of the self. The paradox and potential of music as a freedom practice is illuminated and discussed using theories from community music therapy, musicology, sociology and criminology. In conclusion, the article proposes that music is one key to handling the complexities of the practice of freedom in everyday life.
Article
This article describes the music therapy program as it currently exists in a maximum security psychiatric state facility. Brief descriptions of the patient population, admission and discharge criteria, safety and security concerns, music therapy interventions, and behavioral strategies are given in order to provide a picture of the program and the concerns associated with this population. Music therapy is an effective intervention for the patients at North Texas State Hospital as well as useful for providing information, evaluation, and providing patient responses for the treatment teams and physicians. Both group and individual sessions provide for increases in communication, attention span, anger management, relaxation, emotional expression, socialization, self-esteem, vocal projection, and other needed skills.
Article
Background: The central impairments of people with autism spectrum disorder (ASD) affect social interaction and communication. Music therapy uses musical experiences and the relationships that develop through them to enable communication and expression, thus attempting to address some of the core problems of people with ASD. The present version of this review on music therapy for ASD is an update of the original Cochrane review published in 2006. Objectives: To assess the effects of music therapy for individuals with ASD. Search methods: We searched the following databases in July 2013: CENTRAL, Ovid MEDLINE, EMBASE, LILACS, PsycINFO, CINAHL, ERIC, ASSIA, Sociological Abstracts, and Dissertation Abstracts International. We also checked the reference lists of relevant studies and contacted investigators in person. Selection criteria: All randomised controlled trials (RCTs) or controlled clinical trials comparing music therapy or music therapy added to standard care to 'placebo' therapy, no treatment, or standard care for individuals with ASD were considered for inclusion. Data collection and analysis: Two authors independently selected studies, assessed risk of bias, and extracted data from all included studies. We calculated the pooled standardised mean difference (SMD) and corresponding 95% confidence interval (CI) for continuous outcomes to allow the combination data from different scales and to facilitate the interpretation of effect sizes. Heterogeneity was assessed using the I² statistic. In cases of statistical heterogeneity within outcome subgroups, we examined clients' age, intensity of therapy (number and frequency of therapy sessions), and treatment approach as possible sources of heterogeneity. Main results: We included 10 studies (165 participants) that examined the short- and medium-term effect of music therapy interventions (one week to seven months) for children with ASD. Music was superior to 'placebo' therapy or standard care with respect to the primary outcomes social interaction within the therapy context (SMD 1.06, 95% CI 0.02 to 2.10, 1 RCT, n = 10); generalised social interaction outside of the therapy context (SMD 0.71, 95% CI 0.18 to 1.25, 3 RCTs, n = 57, moderate quality evidence), non-verbal communicative skills within the therapy context (SMD 0.57, 95% CI 0.29 to 0.85, 3 RCTs, n = 30), verbal communicative skills (SMD 0.33, 95% CI 0.16 to 0.49, 6 RCTs, n = 139), initiating behaviour (SMD 0.73, 95% CI 0.36 to 1.11, 3 RCTs, n = 22, moderate quality evidence), and social-emotional reciprocity (SMD 2.28, 95% CI 0.73 to 3.83, 1 RCT, n = 10, low quality evidence). There was no statistically significant difference in non-verbal communicative skills outside of the therapy context (SMD 0.48, 95% CI -0.02 to 0.98, 3 RCTs, n = 57, low quality evidence). Music therapy was also superior to 'placebo' therapy or standard care in secondary outcome areas, including social adaptation (SMD 0.41, 95% CI 0.21 to 0.60, 4 RCTs, n = 26), joy (SMD 0.96, 95% CI 0.04 to 1.88, 1 RCT, n = 10), and quality of parent-child relationships (SMD 0.82, 95% CI 0.13 to 1.52, 2 RCTs, n = 33, moderate quality evidence). None of the included studies reported any adverse effects. The small sample sizes of the studies limit the methodological strength of these findings. Authors' conclusions: The findings of this updated review provide evidence that music therapy may help children with ASD to improve their skills in primary outcome areas that constitute the core of the condition including social interaction, verbal communication, initiating behaviour, and social-emotional reciprocity. Music therapy may also help to enhance non-verbal communication skills within the therapy context. Furthermore, in secondary outcome areas, music therapy may contribute to increasing social adaptation skills in children with ASD and to promoting the quality of parent-child relationships. In contrast to the studies included in an earlier version of this review published in 2006, the new studies included in this update enhanced the applicability of findings to clinical practice. More research using larger samples and generalised outcome measures is needed to corroborate these findings and to examine whether the effects of music therapy are enduring. When applying the results of this review to practice, it is important to note that the application of music therapy requires specialised academic and clinical training.