ArticlePDF Available

De slakkendodende vlieg Pherbellia annulipes nieuw voor Nederland (Diptera: Sciomyzidae)

Authors:

Abstract

pherbellia annulipes nieuw voor nederland 67 inleiding Er zijn talloze kleine vliegjes met getekende vleu-gels. Dit is niet alleen handig voor de herkenning door insectenonderzoekers, maar heeft ook een functie voor de vliegen zelf. Ze gebruiken hun vleugels om rivalen weg te jagen en bereidwillige vrouwen te lokken. Dit fenomeen is veel waar te nemen bij boor-en prachtvliegen, maar ook bij de minder uitgebreid getekende wenkvliegen. Veel slakkendodende vliegen hebben ook tekening in de vleugels, maar toch wordt dergelijk balts-gedrag maar weinig waargenomen. Een uitzondering hierop vormt de kleine soort Pherbellia annulipes (Zetterstedt, 1846). Deze gebruikt niet alleen de vleugels maar ook het de slakkendodende vlieg pherbellia annulipes nieuw voor nederland (diptera: sciomyzidae) De larven van slakkendodende vliegen prederen op slakken. De vliegen zien er vaak fraai uit, met gestreepte ogen en opvallend getekende vleugels. In dit artikel wordt Pherbellia annulipes voor het eerst voor Nederland gemeld, waarmee het totaal aantal Nederlandse soorten nu 58 opdraagt. De mannetjes vertonen een bijzonder baltsgedrag. Verder valt op dat de larven niet op waterslakken prederen, zoals bij de meeste andere slakkendodende vliegen, maar op landslakken. getekende achterlijf en de opvallend donkere voorpoten (fig. 1). Deze soort is al enkele jaren waargenomen op de Kunderberg (fig. 12), waar de tweede auteur veelvuldig foto's heeft gemaakt van het baltsgedrag. Opvallend genoeg was P. annulipes nog niet gemeld voor de Nederland-se fauna. Met dit artikel voegen we de soort toe aan de Nederlandse lijst en brengen het opval-lende baltsgedrag in beeld.
   pher belli a annu lipes    

Er zijn talloze kleine vliegjes met getekende vleu-
gels. Dit is niet alleen handig voor de herkenning
door insectenonderzoekers, maar heeft ook een
functie voor de vliegen zelf. Ze gebruiken hun
vleugels om rivalen weg te jagen en bereidwillige
vrouwen te lokken. Dit fenomeen is veel waar te
nemen bij boor- en prachtvliegen, maar ook bij
de minder uitgebreid getekende wenkvliegen.
Veel slakkendodende vliegen hebben ook tekening
in de vleugels, maar toch wordt dergelijk balts-
gedrag maar weinig waargenomen.
Een uitzondering hierop vormt de kleine soort
Pherbellia annulipes (Zetterstedt, ). Deze
gebruikt niet alleen de vleugels maar ook het
   ph erbe llia annulipes
   (: )
John Smit & Ben Hamers
De larven van slakkendodende vliegen prederen op slakken. De vliegen zien er vaak fraai
uit, met gestreepte ogen en opvallend getekende vleugels. In dit artikel wordt Pherbellia
annulipes voor het eerst voor Nederland gemeld, waarmee het totaal aantal Nederlandse
soorten nu  opdraagt. De mannetjes vertonen een bijzonder baltsgedrag. Verder valt op
dat de larven niet op waterslakken prederen, zoals bij de meeste andere slakkendodende
vliegen, maar op landslakken.
getekende achterlijf en de opvallend donkere
voorpoten (fig. ). Deze soort is al enkele jaren
waargenomen op de Kunderberg (fig. ), waar
de tweede auteur veelvuldig foto’s heeft gemaakt
van het baltsgedrag. Opvallend genoeg was
P. annulipes nog niet gemeld voor de Nederland-
se fauna. Met dit artikel voegen we de soort toe
aan de Nederlandse lijst en brengen het opval-
lende baltsgedrag in beeld.
 
Pherbellia annulipes kan met Revier & Van der
Goot () eenvoudig gedetermineerd worden.
Het is een vrij kleine soort met vage vleugel-
vlekken. De soort lijkt sterk op P. nana (Fallén,
), maar deze laatste is met -, mm kleiner,
Figuur . Pherbellia annulipes,
twee rivaliserende mannetjes die
met hun poten naar elkaar
zwaaien. Onder metatars  van
het rechter mannetje is duidelijk
de oranje beharing te zien.
Alle foto’s Ben Hamers.
Figure . Pherbellia annulipes,
two males competing, waving
their legs at each other. Under-
neath metatarsus  of the male on
the right the patch of orange hairs
is clearly visible. All photos Ben
Hamers.
     

   pher belli a annu lipes    
drijven, ook andere soorten. Hierbij vallen twee
aspecten op. Ten eerste tillen de mannetjes hun
voorpoten op en laten de onderkant zien aan een
rivaal (fig. -). De voorpoten zijn donker, in te-
genstelling tot de andere poten. Er zit echter ook
een veldje met beharing onderaan metatars  die
goudkleurig is en dus erg opvalt (fig. ).
Het tweede dat opvalt is dat P. annulipes op
de boomstammen en boomstronken samen
voorkomt met vertegenwoordiger van het genus
Clusiodes Coquillett, , hetzij C. albimanus
(Meigen, ) of C. caledonicus (Collin, )
(Clusiidae). Deze ziet er enigszins vergelijkbaar
uit en vertoont ook soortgelijk gedrag (fig. ,
).
Beide soorten zijn felle verdedigers van hun
territoria en toch delen ze de boomstammen
en stronken met elkaar. Vermoedelijk dulden ze
elkaar van wege de verschillende biologie. Pher-
bellia zet haar eieren af op vers mos, al waar de
larven prederen op landslakken, terwijl de larven
tegenover de ,- mm van P. annulipes.
Daarnaast heeft P. nana een uitgebreidere vleugel-
tekening.
De verspreiding loopt van Zuid-Engeland en
Zuid-Zweden in het noorden tot Zuid-Frankrijk
en Noord-Italië en voormalig Joegoslavië in het
zuiden. Recent is ze ook aangetroffen in Andorra
(Carles-Tolra & Pujade-Villar ). Verder mel-
den Revier & Van der Goot () haar ook uit
Noord-Amerika. Uit de Benelux is de soort nog
niet eerder gemeld.
Pherbellia annulipes lijkt op de andere soorten uit
hetzelfde genus, maar de biologie wijkt af. De lar-
ven prederen namelijk op landslakken en niet op
waterslakken (Vala ). Pherbellia annulipes is
gekweekt uit Discus rotundatus (Müller, )
(Revier & van der Goot , Vala ).
In tegenstelling tot de meeste andere slakken-
dodende vliegen wordt P. annulipes niet in de
directe omgeving van water gevonden wordt, maar
in bossen (Barták , Hövemeyer & Schauer-
mann , Revier & van der Goot ). Hier
lopen ze meestal rond op bemoste boomstammen
en stronken en gedragen zich nogal agressief tegen-
over rivalen.

De tweede auteur heeft dit baltsgedrag waargeno-
men langs een holle weg bij de Kunderberg (
-). De mannetjes lopen in constant geagi-
teerde staat rond en proberen indringers te ver-
Figuur . Vindplaats Pherbellia annulipes in
Nederland.
Figure . Record of Pherbellia annulipes in the
Netherlands.
Figuur -. Pherbellia annulipes, rivaliserende manne-
tjes verwikkeld in een ingewikkelde strijd.
Figure -. Pherbellia annulipes, two males competing.
Figuur -. Clusiodes spec., een vergelijkbaar gedrag
vertonend als P. annulipes.
Figure -. Clusiodes spec., showing a similar display
as P. annulipes.
     
Boletin de Sociedad Entomologica Aragonesa :
-.
Hövemeyer, K. & J. Schauermann . Succession
of Diptera on dead beech wood: a -year study. –
Pedobiologia : -.
Revier, J.M. & V.S. van der Goot . Slakkendoden-
de vliegen (Sciomyzidae) van Noordwest-Europa. –
Wetenschappelijke Mededeling van de  :
-.
Vala, J.-C. . Diptères Sciomyzidae. – Faune de
France : -.
van Clusiodes in dood hout zelf leven. Mogelijk
dat daardoor beide opgewonden standjes elkaar
wel dulden, maar andere soorten niet.

Barták, M. . Diptera of the Bavarian forest. – Sylva
Gabreta : -.
Carles-Tolra, M. & J. Pujade-Villar . Citas nuevas
de dipteros para la Peninsula Ibérica y Andorra
(Diptera: Orthorrhapha & Cyclorrhapha). –

The snail-killing fly Pherbellia annulipes new to the Dutch fauna (Diptera: Sciomyzidae)
In this paper Pherbellia annulipes (Zetterstedt, ) is reported for the first time for the
Netherlands. This species differs from its congeners by its habitat and courtship behavior.
It is mainly found in woodland and not near water, like the other species. The males act very
aggressively towards nearly all other insects that land on the tree trunks they occupy. Especially
so towards other males of the same species, showing an extensive display of wing, leg and body
movements. On the same logs a fly from the family Clusiidae occurs, which displays the same
behaviour: Clusoides sp. (C. albimanus or C. caledonicus).
J.T. Smit
-Nederland
Postbus 
  Leiden
john.smit@naturalis.nl
B. Hamers
Frankenlaan 
  Heerlen
b.hamers@home.nl
... To assess the current distribution of Pherbellia annulipes, published records were gathered and digitized from Bratt (1981), Vala (1989), Greve & Midtgaard (1992), Martinek (1996), Gerber & Gander (1998), Kassebeer (2000), Carles-Tolrá (2002), Speight et al. (2005), Stuke (2005), Merz & Kofler (2006), Greve et al. (2008), Stuke (2008), Rozkošný et al. (2009), Tóthová et al. (2012, Smit & Hamers (2012), Beuk (2012), Mortelmans (2013) and Withers (2014). In addition to these published records, online repositories of pictures (www.inaturalist.org; ...
... ,Speight et al. (2005),Stuke (2005),Merz & Kofler (2006),Greve et al. (2008),Stuke (2008),Rozkošný et al. (2009), Tóthová et al (2012,Smit & Hamers (2012),Beuk (2012),Mortelmans (2013),Withers (2014), and GBIF (2018), but also several unpublished data by various authors that are acknowledged. In total 216 records are plotted.Pherbellia jaliliMortelmans & Kazerani sp. ...
Article
Pherbellia jalili Mortelmans & Kazerani sp. nov. is described based on 5 males and 4 females. The new species is associated with old deciduous forest and is found only in the Hyrcanean forest in Iran. It is compared with its sister species, P. annulipes (Zetterstedt, 1846), and a comprehensive distribution map for both species is given. The key to species of this group of Pherbellia is updated including the Japanese Pherbellia tricolor Sueyoshi, 2001. Barcodes are generated for P. jalili sp. nov., P. annulipes, and P. nana nana (Fallén, 1820).
... A small resemblance is to be found with Pherbellia nana (Fallen, 1820), which is smaller in size, has more extensively darkened wings and occurs in moist areas only. Sometimes, P. annulipes is mistaken with Pteromicra due to the small genae (BEUK, 2012). ...
Full-text available
Article
Pherbellia annulipes (Zetterstedt, 1846) is recorded for the first time in Belgium. This is an atypical Pherbellia, parasitizing on terrestrial snails and occurring mainly in forests in contrast to most of its congeners which inhabit aquatic habitats. Ecology, phenology, habitat preference and distribution of this species in Belgium are discussed.
Full-text available
Article
Snail-killing flies of the genera Pherbellia and Ditaeniella in the Netherlands (Diptera: Sciomyzidae) Snail-killing flies in the genera Pherbellia and Ditaeniella are representatives of the inconspicuous biodiversity, as they are small and brown and tend to hide among the vegetation. Data of all available specimens in the Netherlands have been incorporated in a dataset, updated till 1-1-2016. Frequencies of abundance of the 14 Dutch species are summarised in table 1; which also contains their presence in the surrounding countries, as well as the presence of additional species, which can be expected to occur in the Netherlands. A key is given to identify the species. The distribution of the 14 Dutch species in the Netherlands and their flight periods are discussed. Information on the ecology is added based on literature.
Article
SummaryThis study describes the decomposition of dead beech wood and the succession of xylobiont Diptera. Branch wood (∅=4.3–11.5cm) was sampled from two beech trees felled by wind in autumn 1984. In each spring (1987–1995) 6 to 8logs were selected and placed individually in closed emergence traps to collect adult Diptera. Decay state of the logs was described by measuring relative density, water content, bark cover, moss cover, litter cover, carbon and nitrogen contents, C:N ratio, and residual weight. Overall, the environmental factors decreased or increased with log age as expected but variation within cohorts was considerable. For some common dipteran species clear temporal patterns of occurrence were identified, and it was also possible to relate abundances of some species to individual environmental factors. On the community level, mean number of individuals per log tended to increase with log age, suggesting that dead wood becomes a more rewarding food resource in the course of decomposition. Diversity of Diptera measured as the mean number of species per log increased with log age, indicating that resource heterogeneity increased with log age. Diversity of Diptera also increased with water content and moss cover but was negatively correlated with bark cover, C:N ratio, and relative density.
Slakkendodende vliegen (Sciomyzidae) van Noordwest-Europa
  • J M V S Revier
  • Van Der Goot
Revier, J.M. & V.S. van der Goot 1989. Slakkendodende vliegen (Sciomyzidae) van Noordwest-Europa.Wetenschappelijke Mededeling van de knnv 191: 1-64.
  • J.-C Vala
Vala, J.-C. 1989. Diptères Sciomyzidae. -Faune de France 72: 1-300.
Diptera of the Bavarian forest
  • M Barták
Barták, M. 1998. Diptera of the Bavarian forest. -Sylva Gabreta 2: 239-258.