ArticlePDF Available

duistere heiderouwzwever Exoprosopa cleomene duikt op in nederlandse wolzwevercollectie (Diptera: Bombyliidae)

Authors:

Abstract

duistere heiderouwzwever in collectie 49 inleiding Naturalis is momenteel bezig met het digitaliseren van een deel van de collectie, waaronder de Nederlandse wolzwevers (Bombyliidae). Tijdens de voorbereidingen werd tussen de exemplaren van Exoprosopa capucina (Fabricius, 1785) een vrouwtje gevonden van E. cleomene Egger, 1859 (fig. 1), een soort die sterkt lijkt op de algemenere E. jacchus (Fabricius, 1805) (fig. 2). Op de foto is duidelijk te zien dat het een erg verfomfaaid exem-plaar, is zeker vergeleken met het verse exemplaar van E. jacchus (fig. 2); er zitten nauwelijks nog haren op het borststuk en achterlijf. Waarschijnlijk is het hierdoor altijd beschouwd als een nat duistere heiderouwzwever exoprosopa cleomene duikt op in nederlandse wolzwevercollectie (diptera: bombyliidae) John Smit De roodbruine heiderouwzwever Exoprosopa capucina is een fraaie en karakteristieke koffiebruine verschijning op de Nederlandse heideterreinen. Zoals veel wolzwevers is deze te herkennen aan de vleugeltekening en de kleur van de lichaamsbeharing. Echter naarmate de dieren ouder worden verliezen ze deze beharing en wordt de determinatie lastiger. Vermoedelijk heeft het verfomfaaide uiterlijk van een vrouwtje Exoprosopa cleomene er voor gezorgd dat deze ruim 50 jaar onopgemerkt tussen de exemplaren van E. capucina heeft gestaan. geworden en daardoor donker uitziend exemplaar van E. capucina. Vanwege het donkere uiterlijk wordt als Nederlandse naam duistere heiderouw-zwever voorgesteld.

    

Naturalis is momenteel bezig met het digitaliseren
van een deel van de collectie, waaronder de
Nederlandse wolzwevers (Bombyliidae). Tijdens
de voorbereidingen werd tussen de exemplaren
van Exoprosopa capucina (Fabricius, ) een
vrouwtje gevonden van E. cleomene Egger, 
(fig. ), een soort die sterkt lijkt op de algemenere
E. jacchus (Fabricius, ) (fig. ). Op de foto is
duidelijk te zien dat het een erg verfomfaaid exem-
plaar, is zeker vergeleken met het verse exemplaar
van E. jacchus (fig. ); er zitten nauwelijks nog
haren op het borststuk en achterlijf. Waarschijnlijk
is het hierdoor altijd beschouwd als een nat
  exoprosopa cleomene  
   (: )
John Smit
De roodbruine heiderouwzwever Exoprosopa capucina is een fraaie en karakteristieke
koffiebruine verschijning op de Nederlandse heideterreinen. Zoals veel wolzwevers is
deze te herkennen aan de vleugeltekening en de kleur van de lichaamsbeharing.
Echter naarmate de dieren ouder worden verliezen ze deze beharing en wordt de
determinatie lastiger. Vermoedelijk heeft het verfomfaaide uiterlijk van een vrouwtje
Exoprosopa cleomene er voor gezorgd dat deze ruim  jaar onopgemerkt tussen de
exemplaren van E. capucina heeft gestaan.
geworden en daardoor donker uitziend exemplaar
van E. capucina. Vanwege het donkere uiterlijk
wordt als Nederlandse naam duistere heiderouw-
zwever voorgesteld.
exoprosopa  
In Nederland is E. capucina een karakteristieke en
lokaal algemene soort van heideterreinen. Hij is
bekend uit de oostelijke provincies, met uitzonde-
ring van Groningen en wordt ook in Noord-Hol-
land aangetroffen in het Gooi en in de duinen met
heidevegetatie (fig. ). Opvallend genoeg lijkt hij te
ontbreken op de Utrechtse heuvelrug. Het Neder-
landse exemplaar van E. cleomene is
afkomstig uit
Figuur . Het vrouwtje Exoprosopa cleomene uit
Ewijk, Nederland.
Figure . The female Exoprosopa cleomene from
Ewijk, the Netherlands.
Figuur . Een vers mannetje Exoprosopa jacchus uit
Italië.
Figure . A freshly emerged Exoprosopa jacchus from
Italy.
     
   -

Dieren koffiebruin van kleur, beharing groten-
deels oranjebruin. Vleugel met slechts  ven-
stervlek, aan de basis (fig. ) ............ E. capucina
- Dieren zwart van kleur, beharing grotendeels
zwart. Vleugel met  venstervlekken (fig. -)
........................................................................................
Derde antennelid taps toelopend, arista duide-
lijk korter dan derde antennelid (fig. ) ...........
....................................................................... E. jacchus
- Derde antennelid uivormig, arista duidelijk
langer dan derde antennelid (fig. ) ...................
.................................................................... E. cleomene
Ewijk, verzameld in juni  door J. Pijfers (fig.
). Het exemplaar bevond zich in de collectie van
Volkert van der Goot onder E. capucina.

In Noordwest-Europa komen drie soorten
Exoprosopa voor die veel op elkaar lijken en een
zelfde type vleugeltekening hebben (fig. -).
Buiten Noordwest-Europa komen nog veel meer
soorten voor waarbij de vleugeltekening zeer uit-
eenlopend tot geheel afwezig kan zijn (Paramonov
). Het genus kan herkend worden aan de
volgende combinatie van kenmerken, zie figuur
voor de vleugelkenmerken:
- Tong kort
- Derde antennelid zonder borstelkrans op de top
- De vork van ader R+ en R+ ligt ter hoogte
van dwarsader R-M
- Extra dwarsader (R-R) tussen R+ en R
Figuur . Verspreiding van Exoprosopa capucina in
Nederland. Bron: database -Nederland en
waarneming.nl.
Figure . Distribution of Exoprosopa capucina in the
Netherlands. Source: Bombyliidae database -Neder-
land and waarneming.nl.
Figuur . Vindplaats van Exoprosopa cleomene in
Nederland.
Figure . Record of Exoprosopa cleomene in the Nether-
lands.

    
Figuur . Schematische vleugel
van het genus Exoprosopa.
Figure . Schematic drawing of a
wing of the genus Exoprosopa.
R
2+3
R
4
R
5
R-M
R-R
r5
Figuur . Vleugel van Exoprosopa
capucina.
Figure . Wing of Exoprosopa ca-
pucina.
Figuur . Vleugel van Exoprosopa
cleomene.
Figure . Wing of Exoprosopa cleo-
mene.
Figuur . Vleugel van een vrouw-
tje Exoprosopa jacchus.
Figure . Wing of a female
Exoprosopa jacchus.
Figuur . Vleugel van mannetje
Exoprosopa jacchus.
Figure . Wing of a male Exopro-
sopa jacchus.
     
). Let er hierbij wel op dat het onderscheid
tussen mannetjes en vrouwtjes over het algemeen
bij veel wolzwevers niet meteen evident is.
Bij beide geslachten zijn de ogen net van elkaar
gescheiden, zodat het beste naar de achterlijfs-
punt gekeken kan worden. Bij mannetjes zit aan
de onderkant een klein genitaal dat overdwars
staat (fig. ), terwijl er bij vrouwtjes twee
rijtjes stevige borstels in de lengterichting staan
(fig. ).
exoprosopa cl eomene  e. jacchus
Beide soorten lijken zeer sterk op elkaar, met als
enige duidelijke verschil de vorm van het derde
antennelid. Bij E. jacchus is de vorm enigszins
variabel; de meeste exemplaren hebben een derde
antennelid zoals weergegeven in figuur .
Bij een enkel exemplaar is die echter iets meer
uivormig, maar dan is de arista nog wel steeds
duidelijk korter dan het derde antennelid, in
tegenstelling tot E. cleomene. Of er ook een ver-
schil is in de genitaliën is niet gecontroleerd, om-
dat er slechts één mannetje E. cleomene aanwezig
is in de collectie van Naturalis. In vrijwel alle
tabellen wordt uitsluitend het antennekenmerk
aangedragen om beide soorten van elkaar te
onderscheiden (Engel , Paramonov ,
Seguy , Van der Goot & Van Veen  ).
Onder de mannetjes is echter een aanvullend
kenmerk in de vleugeltekening waarop beide
soorten onderscheiden kunnen worden. Alleen
bij E. jacchus is deze seksueel dimorf, waarbij de
donkere tekening in cel r bij de mannen minder
ver doorloopt richting vleugel achterrand dan bij
de vrouwtjes (fig. , ) (Engel , Paramonov
Figuur . Derde antennelid van Exoprosopa jacchus.
Figure . First flagellomere of Exoprosopa jacchus.
Figuur . Derde antennelid van Exoprosopa cleomene.
Figure . First flagellomere of Exoprosopa cleomene.
 
Figuur . Onderzijde van achterlijfspunt van een man-
netje Exoprosopa, het genitaal ligt duidelijk overdwars
en niet in de lengterichting.
Figure . Ventral side of the tip of the abdomen of
a male Exoprosopa, the genitalia are clearly orientated
in a transverse rather than a longitudinal
direction.
Figuur . Onderzijde van achterlijfspunt van een
vrouwtje Exoprosopa, er zijn twee rijen stevige bruine
borstels zichtbaar.
Figure . Ventral side of the tip of the abdomen of
a female Exoprosopa, two rows of sturdy bristles are
visible.

    
Beide soorten zijn uit België gemeld
(Hofmans ).

Engel, E.O. . Bombyliidae. – In: Lindner, E. (red.)
Die Fliegen der Palaearktischen Region. - Schwei-
zerbart’sche Verlagsbuchhandlung, Stuttgart.
Goot, V.S. van der & M.P. van Veen . De spille-
beenvliegen, wortelvliegen en wolzwevers van
Noordwest-Europa. – Jeugdbondsuitgeverij, Utrecht.
Hofmans, K. . Bombyliidae. In: Grootaert, P., L.
de Bruyn & M. de Meyer (red.) Catalogue of the
Diptera of Belgium. – Studiedocumenten van het
K.B.I.N. : .
Paramonov, S.J. . Beitrage zur monographie der
Gattung Exoprosopa. – Mémoires Académie des
Sciences d’Ukraine : -.
Seguy, E. . Dipteres Brachyceres. – Faune de
France : -.

Zowel het vindplaatsetiket als het determinatie-
etiket zijn in het handschrift van Volkert van der
Goot geschreven, wat doet vermoeden dat het
dier ongeprepareerd en dus zonder vindplaats-
gegevens aan de speld is aangeleverd. Dit laat
ruimte voor speculatie of het dier wel uit Neder-
land zelf komt.
Het is opvallend dat uitgerekend de zeldzame
van de twee Exoprosopa-soorten aangetroffen
wordt in het Nederlandse materiaal en niet de
in Europa algemenere E. jacchus. Beide soorten
worden nauwelijks in de literatuur genoemd, met
uit zondering van catalogi. Echter op basis van
de collectie in Naturalis, waar ook de collectie
Amsterdam is ondergebracht, is E. jacchus met
bijna  exemplaren duidelijk algemener dan
E. cleomene, waarvan slechts drie exemplaren
aanwezig zijn, inclusief het Nederlandse.

The bombylid f ly Exoprosopa cleomene found in a Dutch collection (Diptera: Bombyliidae)
Examination of the Dutch collection of Bombyliidae in Naturalis revealed the presence of a single
female of Exoprosopa cleomene Egger,  (fig. ) among the specimens of E. capucina (Fabricius,
). This specimen was collected in the s near the town of Ewijk (fig. ). Exoprosopa cleome-
ne appears to be a very rare species in Europe and is very similar to the common central European
E. jacchus. A key to separate all three northwest European species is given.
J.T. Smit
-Nederland
Postbus 
  Leiden
john.smit@naturalis.nl
     
ResearchGate has not been able to resolve any citations for this publication.
red.) Die Fliegen der Palaearktischen Region
  • E O Engel
Engel, E.O. 1938. Bombyliidae. – In: Lindner, E. (red.) Die Fliegen der Palaearktischen Region. -Schweizerbart'sche Verlagsbuchhandlung, Stuttgart.
Dipteres Brachyceres. -Faune de France
  • E Seguy
Seguy, E. 1926. Dipteres Brachyceres. -Faune de France 13: 1-308.
red.) Catalogue of the Diptera of Belgium.-Studiedocumenten van het K
  • K Hofmans
Hofmans, K. 1991. Bombyliidae. In: Grootaert, P., L. de Bruyn & M. de Meyer (red.) Catalogue of the Diptera of Belgium.-Studiedocumenten van het K.B.I.N. 70: 83.
Beitrage zur monographie der Gattung Exoprosopa
  • S J Paramonov
Paramonov, S.J. 1928. Beitrage zur monographie der Gattung Exoprosopa. -Mémoires Académie des Sciences d'Ukraine 6: 181-303.
Die Fliegen der Palaearktischen Region. -Schweizerbart'sche Verlagsbuchhandlung
  • E O Engel
Engel, E.O. 1938. Bombyliidae. -In: Lindner, E. (red.) Die Fliegen der Palaearktischen Region. -Schweizerbart'sche Verlagsbuchhandlung, Stuttgart. Goot, V.S. van der & M.P. van Veen 1996. De spillebeenvliegen, wortelvliegen en wolzwevers van Noordwest-Europa. -Jeugdbondsuitgeverij, Utrecht.
Catalogue of the Diptera of Belgium
  • K Hofmans
Hofmans, K. 1991. Bombyliidae. In: Grootaert, P., L. de Bruyn & M. de Meyer (red.) Catalogue of the Diptera of Belgium. -Studiedocumenten van het K.B.I.N. 70: 83.