Article

Clinical application of mild therapeutic hypothermia after cardiac arrest.

Critical Care Medicine (Impact Factor: 6.15). 05/2007; 35(4):1041-7. DOI: 10.1097/01.CCM.0000259383.48324.35
Source: PubMed

ABSTRACT Postresuscitative mild hypothermia lowers mortality, reduces neurologic impairment after cardiac arrest, and is recommended by the International Liaison Committee on Resuscitation. The European Resuscitation Council Hypothermia After Cardiac Arrest Registry was founded to monitor implementation of therapeutic hypothermia, to observe feasibility of adherence to the guidelines, and to document the effects of hypothermic treatment in terms of complications and outcome.
Cardiac arrest protocols, according to Utstein style, with additional protocols on cooling and rewarming procedures and possible adverse events are documented.
Between March 2003 and June 2005, data on 650 patients from 19 sites within Europe were entered.
Patients who had cardiac arrest with successful restoration of spontaneous circulation were studied.
Of all patients, 462 (79%) received therapeutic hypothermia, 347 (59%) were cooled with an endovascular device, and 114 (19%) received other cooling methods such as ice packs, cooling blankets, and cold fluids. The median cooling rate was 1.1 degrees C per hour. Of all hypothermia patients, 15 (3%) had an episode of hemorrhage and 28 patients (6%) had at least one episode of arrhythmia within 7 days after cooling. There were no fatalities as a result of cooling.
Therapeutic hypothermia is feasible and can be used safely and effectively outside a randomized clinical trial. The rate of adverse events was lower and the cooling rate was faster than in clinical trials published.

0 Bookmarks
 · 
90 Views
  • EMC - Anestesia-Reanimación. 02/2015;
  • Source
    [Show abstract] [Hide abstract]
    ABSTRACT: Een hartstilstand buiten het ziekenhuis komt vaak voor. Ondanks de evolutie in de reanimatietechnieken is er nog steeds een zeer slechte prognose, die voornamelijk veroorzaakt wordt door de initiële en de secundaire neurologische schade. Therapeutische hypothermie (TH) of “targeted temperature management” (TTM) is een doeltreffende manier om de hersenen te beschermen tegen de nadelige secundaire cerebrale effecten na een hartstilstand. In geval van een hartstilstand buiten het ziekenhuis met een initieel defibrilleerbaar ritme is de richtlijn voor koeling eenduidig en goed onderbouwd. Bij niet-defibrilleerbare ritmes of een hartstilstand binnen het ziekenhuis is er minder eensgezindheid, maar in de praktijk worden ook deze patiënten vaak behandeld met hypothermie. Koeling wordt het best zo snel mogelijk gestart, zonder duidelijke voorkeur wat betreft de exacte koelingstechniek. De doeltemperatuur is sinds de publicatie van de TTM-studie opnieuw een punt van hevige discussie: na de Bernard- en de HACA-studie (“Hypothermia After Cardiac Arrest”) in 2002 was de richtlijn tussen 32°C en 34°C en in de TTM-studie was er geen verschil in mortaliteit, noch in neurologische uitkomst op 180 dagen na het arrest tussen een 33°C- en een 36°C-groep. De internationale richtlijnen raden momenteel een duur aan tussen 12 en 24 uur, waarna het opwarmen traag en gecontroleerd gebeurt en waarbij men zich bij gebrek aan gegevens bij een hartstilstand steunt op de evidentie bij een neurotrauma. Er is een consensus dat koorts na gecontroleerde hypothermie agressief behandeld moet worden. De mogelijke bijwerkingen van hypothermie, zoals bradycardie, elektrolytenstoornissen, bloedingen en infecties, kunnen met het huidige intensievezorgenmanagement perfect vroegtijdig herkend en behandeld worden.
    Tijdschrift voor Geneeskunde 02/2015; 71(2):116-122.
  • Source
    [Show abstract] [Hide abstract]
    ABSTRACT: Out-of-hospital cardiac arrest (OHCA) is a leading cause of death and severe neurological disability. The objective of this study was to identify clinical predictors of early neurological outcome in survivors of OHCA managed according to recent recommendations for OHCA care.Methods Data from survivors of OHCA, admitted to a tertiary cardiac intensive care unit and treated with hypothermia in a 22 months period (n=46, age 60±13 years, 74% males) were retrospectively evaluated. At 1-month follow-up, patients were classified according to the best achieved Glasgow–Pittsburgh cerebral performance categories (CPC 1–5) and factors affecting the outcome were analysed.ResultsAt 1-month follow-up, 23 patients (50%) had favourable outcome (CPC 1–2), while 23 patients (50%) had poor outcome (CPC 3–5), including 19 with in-hospital death (41% of total). Patients with good outcome were younger (55±13 years vs. 66±10 years; P=0.003), had more often myocardial infarction as the cause of arrest (63% vs. 30%; P=0.018) and ventricular fibrillation/tachycardia as an initial rhythm (78% vs. 39%; P=0.007). Both groups differed by lactate level on admission (4.0±4.6 vs. 7.3±4.1 mmol/l, P=0.02), after 12 h (2.5±1.1 vs. 4.3±3.2 mmol/l, P=0.04) and after 24 h (1.9±1.2 vs. 3.2±1.9 mmol/l, P=0.04). Logistic regression revealed the following independent outcome predictors: age, acute myocardial infarction and admission lactate level.Conclusion Favourable outcome was observed in a half of OHCA survivors. Young age, acute myocardial infarction as underlying aetiology of cardiac arrest, and low lactate level on admission were the best predictors of favourable outcome.
    Cor et vasa 03/2012; 54(2):e68-e75.

Preview

Download
3 Downloads