Article

De ontwikkeling van een Belgische zorgleidraad voor huisartsen over beslissingen aan het levenseinde

Huisarts en wetenschap 01/2006; 49(8):578-585. DOI: 10.1007/BF03084841

ABSTRACT Deschepper R, Michiels E, Vander Stichele R, Bernheim JL, De Keyser E, Van Der Kelen G, Mortier F, Deliens L. De ontwikkeling
van een Belgische zorgleidraad voor huisartsen over beslissingen aan het levenseinde. Huisarts Wet 2006;49(8):404-10.

Inleiding In dit onderzoek beschrijven we hoe we een zorgleidraad hebben ontwikkeld voor huisartsen over communicatie met terminaal
zieke patiënten die thuis willen sterven.

Methoden Driefaseproces. Ontwerpfase: we hebben bevindingen uit de literatuur gestructureerd en gewogen door middel van een focusgroep
met huisartsen (n=8). Verdiepingsfase: we verzamelden kwalitatieve data over het patiënten- en zorgverlenersperspectief door
middel van een focusgroep van naasten (n=7), diepte-interviews met terminaal zieken (n=17) en een kwaliteitskring van zorgverleners
(n=11). Toetsingsfase: we beoordeelden de aanvaardbaarheid van het voorontwerp in bipolaire focusgroepen (huisartsen-verpleegkundigen
(n=12) en huisartsen-specialisten (n=9)) en commentaar per e-mail door experts (n=41).

Resultaten Zorgverleners en patiënten gaven aan dat ze grote behoefte hebben aan een begrijpelijke zorgleidraad over communicatie aan
het levenseinde. Ze kenden de grootste prioriteit toe aan vier thema’s: de waarheidsmededeling, exploratie van wensen rond
het levenseinde, omgaan met enerzijds disproportionele behandelingen en anderzijds met euthanasieverzoeken. Andere thema’s
die naar voor kwamen, waren: continuïteit van zorg door de huisarts, voeding en vocht in de stervensfase en de technische
aspecten van euthanasie.

Beschouwing Het bleek haalbaar om een zorgleidraad te ontwikkelen voor huisartsen op basis van de drie hoekstenen van evidence-based
medicine: literatuuronderzoek, patiëntenvisies en ervaring van deskundigen. Ondanks verschillen tussen België en Nederland
is deze zorgleidraad ook relevant voor Nederlandse huisartsen.

België-euthanasie-kwaliteit van zorg-onderzoek-richtlijnen-terminale zorg

0 Bookmarks
 · 
172 Views
  • Source
    [Show abstract] [Hide abstract]
    ABSTRACT: Our study is a repeat of the Dutch death-certificate study on end-of-life decisions (ELDs). The main objective was to estimate the frequency of euthanasia (the administration of lethal drugs with the explicit intention of shortening the patient's life at the patient's explicit request), physician-assisted suicide (PAS), and other ELDs in medical practice in Flanders, Belgium. A 20% random sample of 3999 deaths was selected from all deaths recorded between Jan 1 and April 30, 1998. The physicians who signed the corresponding death certificates received one questionnaire by post per death. The physicians' response rate was 1355 (52%). 1925 deaths were described. The results were corrected for non-response bias, and extrapolated to estimated annual rates after seasonal adjustment for death causes, and we estimate that 705 (1.3%, 95% CI 1.0-1.6) deaths resulted from euthanasia or PAS. In 1796 (3.2%, 2.7-3.8) cases, lethal drugs were given without the explicit request of the patient. Alleviation of pain and symptoms with opioids in doses with a potential life-shortening effect preceded death in 10,416 (18.5%, 17.3-19.7) cases and non-treatment decisions in 9218 (16.4%, 15.3-17.5) cases, of which 3261 (5.8%, 5.1-6.5) with the explicit intention of ending the patient's life. ELDs are prominent in medical practice in Flanders. The frequency of deaths preceded by an ELD is similar to that in the Netherlands, but lower than that in Australia. However, in Flanders the rate of administration of lethal drugs to patients without their explicit request is similar to Australia, and significantly higher than that in the Netherlands.
    The Lancet 12/2000; 356(9244):1806-11. · 39.06 Impact Factor
  • 01/2003;
  • Deutsche Medizinische Wochenschrift - DEUT MED WOCHENSCHR. 01/2000; 125(11):308-315.